Vreemdelingenrecht
8:54 Awb. Eiser MOB. Beroep n-o.
Rechtbank Den Haag, 10 augustus 2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:8171 · Rechtbank Den Haag · 10 augustus 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2022-8171
Zaakgegevens
Op 10 augustus 2022 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 10 augustus 2022
- Datum publicatie
- 16 augustus 2022
- Zaaknummer
- NL21.11377
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2022:8171
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
8:54 Awb. Eiser MOB. Beroep n-o.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL21.11377
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. D. de Vries),
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
(gemachtigde: H. Kip).
Procesverloop
Bij besluit van 14 juli 2021 (bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser buiten behandeling gesteld.
Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld.
De rechtbank doet met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Uit het voornemen en het bestreden besluit volgt dat uit de informatie van het COA en ook uit informatie van AVIM Limburg is gebleken dat eiser op 22 juni 2021 met onbekende bestemming is vertrokken. Bij bericht van 28 april 2022 heeft de rechtbank de gemachtigde van eiser verzocht om aan te geven of de gemachtigde weet waar eiser verblijft en of er nog contact is met eiser. Uit het voorgaande leidt de rechtbank af dat eisers gemachtigde kennis heeft kunnen nemen van de melding dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser heeft hierop niet gereageerd. De rechtbank stelt verder vast dat uit het beroepschrift niet blijkt waar eiser zich momenteel bevindt en of zijn gemachtigde contact met hem onderhoudt.
2. Indien een vreemdeling in Nederland bescherming heeft gevraagd en met onbekende bestemming is vertrokken, zonder aan verweerder te laten weten waar hij verblijft, moet er in beginsel van uit worden gegaan dat hij kennelijk geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. Dit is slechts anders als een vreemdeling laat weten dat hij nog steeds contact onderhoudt met zijn gemachtigde.
3. Gelet op de hiervoor genoemde omstandigheden neemt de rechtbank aan dat eiser kennelijk geen prijs meer stelt op asielrechtelijke bescherming in Nederland, zodat hij geen belang meer heeft bij de inhoudelijke beoordeling van dit beroep.
4. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K. Verschueren, rechter, in aanwezigheid van mr. N.H. de Zeeuw, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.