Vreemdelingenrecht
TKB + IRV, eerder TKB + IRV, beroep niet-ontvankelijk
Rechtbank Den Haag, 19 juli 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:11243 · Rechtbank Den Haag · 19 juli 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2024-11243
Zaakgegevens
Op 19 juli 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 19 juli 2024
- Datum publicatie
- 19 juli 2024
- Zaaknummer
- NL24.27190
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2024:11243
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
TKB + IRV, eerder TKB + IRV, beroep niet-ontvankelijk
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.27190
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser
V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. S. Oukil),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de minister,
(gemachtigde: mr. L.O. Augustinus).
Procesverloop
Bij besluit van 27 juni 2024 (het bestreden besluit) heeft de minister aan eiser een terugkeerbesluit en een inreisverbod voor de duur van twee jaar opgelegd.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank heeft het beroep op 12 juli 2024, samen met het beroep met zaaknummer NL24.27799, met behulp telehoren, op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn verschenen op het detentiecentrum in Rotterdam. Op de rechtbank is een tolk verschenen. De minister heeft zich op de rechtbank laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.
Overwegingen
1. Eiser stelt van Algerijnse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] .
2. De rechtbank stelt vast dat aan eiser bij een eerder terugkeerbesluit van 20 juni 2024 de verplichting is opgelegd om Nederland te verlaten. Ook is bij dat besluit een inreisverbod aan eiser opgelegd voor de duur van twee jaar. Bij uitspraak van 18 juli 2024 (NL24.26776) heeft deze rechtbank en zittingsplaats het beroep van eiser tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod van 20 juni 2024 ongegrond verklaard.
3. De rechtbank is van oordeel dat nu er op 20 juni 2024 al een terugkeerbesluit ten aanzien van eiser is genomen, de aanzegging om Nederland te verlaten zoals vermeld in het bestreden besluit, geen rechtsgevolgen heeft. Ook het inreisverbod in het bestreden besluit, is gezien het eerdere inreisverbod van 20 juni 2024 niet op enig rechtsgevolg gericht. De rechtbank verklaart het beroep tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod van 27 juni 2024 daarom niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. H. Hanssen-Telman, rechter, in aanwezigheid van mr. Y. van Wijk, griffier en openbaar gemaakt door geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.