Vreemdelingenrecht

Asiel, met onbekende bestemming vertrokken, geen contact, beroep niet- ontvankelijk.

Rechtbank Den Haag, 13 februari 2025

Zaakgegevens

Op 13 februari 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
13 februari 2025
Datum publicatie
17 februari 2025
Zaaknummer
NL24.50666
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:2155
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Asiel, met onbekende bestemming vertrokken, geen contact, beroep niet- ontvankelijk.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.50666


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres], eiseres

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. D.S. Harhangi-Asarfi),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. J. van Raak).

Procesverloop

Bij besluit van 11 december 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep op 13 februari 2025 op zitting behandeld. Partijen zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing


De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. De rechtbank beantwoordt allereerst ambtshalve de vraag of eiseres procesbelang heeft bij het beroep. Verweerder heeft vóór de zitting een schermafdruk toegevoegd aan het digitale dossier van een melding van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers. Volgens deze melding is eiseres op 3 februari 2025 met onbekende bestemming vertrokken.

2. De gemachtigde van eiseres heeft op 12 februari 2025 laten weten dat zij voor het laatst contact heeft gehad met eiseres op 21 januari 2025 en dat zij niet weet waar eiseres nu verblijft.

3. Uit vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt dat wanneer een vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken zonder verweerder te laten weten waar hij verblijft, er in beginsel vanuit wordt gegaan dat die vreemdeling geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk verzochte bescherming in Nederland. Dit is anders als de vreemdeling contact met zijn gemachtigde onderhoudt.

4. Gezien de hiervoor genoemde omstandigheden en gezien de informatie van de gemachtigde van eiseres neemt de rechtbank aan dat eiseres op 3 februari 2025 met onbekende bestemming is vertrokken en sindsdien geen contact meer heeft opgenomen met haar gemachtigde. Eiseres stelt kennelijk geen prijs meer op de door haar aanvankelijk gezochte bescherming in Nederland. Daarom heeft eiseres geen belang bij een inhoudelijke beoordeling van het door haar ingestelde beroep tegen het bestreden besluit.

5. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 13 februari 2025 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 1 juli 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2662.