Vreemdelingenrecht

beslistermijn begint opnieuw met lopen na vernietiging besluit, beroep niet tijdig

Rechtbank Den Haag, 5 februari 2026

Zaakgegevens

Op 5 februari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
5 februari 2026
Datum publicatie
5 februari 2026
Zaaknummer
NL26.1179
Procedure
Vereenvoudigde behandeling
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:1951
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

beslistermijn begint opnieuw met lopen na vernietiging besluit, beroep niet tijdig

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.1179


uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen


[naam]- [naam], eiser,

V-nummer: [nummer])

(gemachtigde: mr. S. Igdeli),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend omdat de minister niet op tijd opnieuw zou hebben beslist op de asielaanvraag van 8 juni 2023.

1.1.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting.

Beoordeling door de rechtbank

2. In de uitspraak van 24 juni 2025 (NL25.9434) heeft de rechtbank de minister opgedragen een nieuw besluit te nemen op de asielaanvraag. De rechtbank heeft daarbij geen nadere beslistermijn bepaald. Dat betekent dat de wettelijke beslistermijn vanaf die datum is gaan lopen. Die termijn bedraagt 6 maanden en eindigde op 24 december 2025. Dat betekent dat de ingebrekestelling van 2 december 2025 prematuur is ingediend. Het beroep voldoet daarom niet aan de vereisten voor het indienen van een beroep tegen het niet tijdig beslissen.

Conclusie en gevolgen

3. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.W. Landman, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Artikel 6:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).