Vreemdelingenrecht
Dublin Tsjechië, plakvovo, afgewezen
Rechtbank Den Haag, 5 oktober 2022
ECLI:NL:RBDHA:2022:14999 · Rechtbank Den Haag · 5 oktober 2022
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2022-14999
Zaakgegevens
Op 5 oktober 2022 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2022
- Datum publicatie
- 27 januari 2023
- Zaaknummer
- NL22.17708 en NL22.17710
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2022:14999
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Dublin Tsjechië, plakvovo, afgewezen
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht
zaaknummers: NL22.17708 en NL22.17710
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoeker 1] en [verzoeker 2], verzoekers,
V-nummers: [V-nummer] en [V-nummer]
(gemachtigde: mr. S.B. Kleerekooper), en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. K. Bruin).
Procesverloop
Verzoekers hebben op 1 september 2022 een brief aan verweerder gestuurd, waarin zij berichten dat zij “hebben besloten om hun asielverzoek in te intrekken” en hebben verweerder verzocht om met hen een afspraak te maken over de teruggave van hun originele documenten en de uitreis.
Bij besluiten van 6 september 2022 (de bestreden besluiten) heeft verweerder bepaald dat verzoekers zullen worden overgedragen aan Tsjechië. Daarbij is verweerder ervan uitgegaan dat verzoekers hun asielverzoek hebben ingetrokken met de brief van 1 september 2022.
Verzoekers hebben hiertegen op 6 september 2022 beroep ingesteld en hebben op 12 september 2022 aanvullende gronden ingediend.
De rechtbank heeft het verzoek, samen met de zaken NL22.17707 en NL22.17709, op
13 september 2022 op zitting behandeld. Verzoekers en hun gemachtigde zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL22.17707 en NL22.17709. heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.P. Glerum, rechter, in aanwezigheid van mr.
M.A.W.M. Engels, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
05 oktober 2022