Vreemdelingenrecht

Vovo hangende volgberoep bewaring art. 59a. Vovo afgewezen, gelet op uitkomst volgberoep wel toewijzing PKV.

Rechtbank Den Haag, 24 februari 2022

Zaakgegevens

Op 24 februari 2022 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
24 februari 2022
Datum publicatie
2 maart 2022
Zaaknummer
NL22.2303
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2022:1622
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vovo hangende volgberoep bewaring art. 59a. Vovo afgewezen, gelet op uitkomst volgberoep wel toewijzing PKV.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL22.2303


uitspraak van de voorzieningenrechter van 24 februari 2022 in de zaak tussen

[naam] , verzoeker,

geboren op [geboortedatum] ,

van Algerijnse nationaliteit,

V-nummer: [nummer]

(gemachtigde: mr. H.J. Janse),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,

(gemachtigde: mr. P.A.L.A. van Ittersum).

Procesverloop

Verweerder heeft op 28 december 2021 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.

Verzoeker heeft op 10 februari 2022 tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beroep ingesteld (NL22.2030) (volgberoep).

Verzoeker heeft op 10 februari 2022 de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

Het volgberoep en de voorlopige voorziening zijn behandeld op de zitting van 18 februari 2022. Partijen hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigden.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 24 februari 2022 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het volgberoep van verzoeker. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Gelet op de uitkomst van het volgberoep veroordeelt de voorzieningenrechter verweerder wel in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 1.518,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 759,- en een wegingsfactor 1).

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 1.518,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Boerlage-van den Bosch, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van Z.P. de Wilde, griffier. De uitspraak wordt openbaar gemaakt op de eerstvolgende maandag na deze datum.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.