Vreemdelingenrecht

Voorlopige voorziening hangende beroep NL 22.21717, afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 19 juli 2023

Zaakgegevens

Op 19 juli 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
19 juli 2023
Datum publicatie
30 augustus 2023
Zaaknummer
NL 22.21719 VK
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2023:12898
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige voorziening hangende beroep NL 22.21717, afgewezen.

Uitspraak

uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL22.21719

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , verzoekster, V-nummer: [V-nummer] ,

en haar minderjarige zoon [minderjarige] , V-nummer: [V-nummer] , hierna gezamenlijk te noemen: verzoekster,

(gemachtigde: mr. D.P.J. Cain),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. M.K. Ruijzendaal).

Inleiding

Verzoekster is geboren op [geboortedatum] 1984 en heeft de Nigeriaanse nationaliteit. Zij is gehuwd met [referent] (de referent), die tevens de vader van haar zoontje is. De referent heeft de Soedanese nationaliteit en is in het bezit van een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd. Op 28 januari 2022 heeft verzoekster een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, voor verblijf bij referent op grond van artikel 8 van het Verdrag voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).

In het besluit van 6 mei 2022 heeft verweerder deze aanvraag afgewezen. Tevens heeft verweerder aan verzoekster een inreisverbod van twee jaar opgelegd. Verzoekster heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt.

In het besluit van 19 oktober 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder dit bezwaar ongegrond verklaard. Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld (zaaknummer NL22.21717). Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met zaaknummer NL22.21717, op 20 april 2023 op zitting behandeld. Verzoekster is verschenen, vergezeld door referent en bijgestaan door haar gemachtigde. Als tolk is verschenen P. Abdelnour. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1. De gevraagde voorziening strekt ertoe de uitzetting te verbieden totdat is beslist op het beroep. Er is geen aanleiding tot het treffen van de gevraagde voorziening, omdat de rechtbank bij uitspraak van heden op dit beroep heeft beslist.

2. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af. Verzoekster krijgt het betaalde griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van Luijk-Salomons, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

19 juli 2023

[afbeelding niet beschikbaar]

Documentcode: [documentcode]

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.