Vreemdelingenrecht
Dublin vovo buiten zitting Moldavië. Ongegrond.
Rechtbank Den Haag, 2 november 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:16492 · Rechtbank Den Haag · 2 november 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2023-16492
Zaakgegevens
Op 2 november 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 2 november 2023
- Datum publicatie
- 2 november 2023
- Zaaknummer
- NL23.30596
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:16492
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Dublin vovo buiten zitting Moldavië. Ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.30594, NL23.30596 & NL23.30598.
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam],
geboren op [geboortedatum],
V-nummer: [v-nummer],
en
[naam],
geboren op [geboortedatum],
V-nummer: [v-nummer],
mede namens hun minderjarige kind,
[naam],
geboren op [geboortedatum],
V-nummer: [v-nummer],
allen van Moldavische nationaliteit,
met als gemachtigde: mr. W. Volkers,
hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers,
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Bij besluiten van 25 september 2023 (de bestreden besluiten) heeft de staatssecretaris de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. Bij uitspraak van vandaag (zaaknummers NL23.30593, NL23.30595 en NL23.30597), heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. D.G. van den Berg, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.