Vreemdelingenrecht
plakvovo bij aanhangig beroep
Rechtbank Den Haag, 5 december 2023
ECLI:NL:RBDHA:2023:18836 · Rechtbank Den Haag · 5 december 2023
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2023-18836
Zaakgegevens
Op 5 december 2023 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 5 december 2023
- Datum publicatie
- 5 december 2023
- Zaaknummer
- NL23.30886
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2023:18836
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
plakvovo bij aanhangig beroep
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.30886
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam 1] , V-nummer: [v-nummer] , verzoeker,
gesteld Marokkaans en te zijn geboren op [geboortedatum 1]
Aliassen:
[naam 2]
geboren op 2 [geboortedatum 2]
van Marokkaanse nationaliteit
El [naam 3]
geboren op 19 februari 2000,
van Marokkaanse nationaliteit
(gemachtigde: mr. A.M. Veld),
en
de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
(gemachtigde: mr. J.D. Albarda).
Inleiding
De staatssecretaris heeft met het bestreden besluit van 22 september 2023 de aanvraag van verzoeker afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 31, eerste lid, Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) juncto artikel 30b, eerste lid, aanhef en onder a, b en c Vw 2000. Daarbij is ook bepaald dat verzoeker niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd en evenmin voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw 2000. Daarnaast is aan verzoeker medegedeeld dat hij Nederland onmiddellijk moet verlaten evenals dat een inreisverbod voor de duur van twee jaar wordt opgelegd.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL23.30885, op 17 oktober 2023 op zitting behandeld. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Verzoeker en zijn gemachtigde zijn met kennisgeving vooraf niet ter zitting verschenen.
Overwegingen
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.30885, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.Y.B. Jansen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.S. Derks, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.