Vreemdelingenrecht

Voorlopige voorziening, afwijzing.

Rechtbank Den Haag, 10 januari 2024

Zaakgegevens

Op 10 januari 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
10 januari 2024
Datum publicatie
10 januari 2024
Zaaknummer
NL23.35437
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:166
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige voorziening, afwijzing.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL23.35437


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker

V-nummer: [nummer]

(gemachtigde: mr. A. Khalaf),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. M. Verzijden).


Procesverloop

Bij besluit van 9 november 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Denemarken verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.


Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL23.35436, op
28 december 2023 op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde en een tolk. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag in zaaknummer NL23.35436, heeft de rechtbank uitspraak gedaan en het beroep ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter ziet geen omstandigheden voor het treffen van een voorlopige voorziening en wijst het verzoek dan ook af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. van Waterschoot, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N. Walstra, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.