Vreemdelingenrecht

Asielaanvraag niet-ontvankelijk o.g.v. artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, Vw - uitspraak in beroep –…

Rechtbank Den Haag, 21 oktober 2024

Zaakgegevens

Op 21 oktober 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
21 oktober 2024
Datum publicatie
24 oktober 2024
Zaaknummer
NL24.30613
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:17322
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Asielaanvraag niet-ontvankelijk o.g.v. artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a, Vw - uitspraak in beroep – voorlopige voorziening afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.30613


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

Jouma Alkrayez, verzoeker,

V-nummer: 295.374.5243,

(gemachtigde: mr. R. Deniz),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 1 augustus 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.30612, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.


Deze uitspraak is gedaan op 21 oktober 2024 door mr. A.J. de Danschutter, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.S. Mohandes, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.