Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag · Voorlopige voorziening · Vreemdelingenrecht
Rechtbank Den Haag, 18 november 2024
ECLI:NL:RBDHA:2024:18959 · Rechtbank Den Haag · 18 november 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2024-18959
Zaakgegevens
Op 18 november 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 18 november 2024
- Datum publicatie
- 18 november 2024
- Zaaknummer
- NL24.33151
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2024:18959
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
plakvovo bij beroep
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.33151
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam] , [v-nummer] , verzoeker
(gemachtigde: mr. M.A.M. Karsten),
en
de Minister van Asiel en Migratie,
(gemachtigde: mr. R.R. de Groot).
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker tegen de beëindiging van zijn EU-verblijfsrecht en de ongewenstverklaring.
2. Met het besluit van 30 augustus 2022 heeft de minister het EU-verblijfsrecht van verzoeker beëindigd, hem ongewenst verklaard en bepaald dat verzoeker Nederland onmiddellijk moet verlaten.
Met het besluit van 22 augustus 2024 heeft de minister het bezwaar van verzoeker tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld. Tevens heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht om hangende het beroep een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep (NL24.33155) op 8 oktober 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de minister.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.33155, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L. Boxum, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Derks, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.