Vreemdelingenrecht

Plakvovo bij AWB 22/2794.

Rechtbank Den Haag, 12 december 2024

Zaakgegevens

Op 12 december 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
12 december 2024
Datum publicatie
13 december 2024
Zaaknummer
AWB 22-2795
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:20950
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Plakvovo bij AWB 22/2794.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 22/2795


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

v-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde mr. S. Karkache),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.


Procesverloop

Bij besluit van 20 april 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen de afwijzing van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als verblijfsdoel ‘medische behandeling’ ongegrond verklaard. Verweerder heeft op 22 april 2022 een aanvullend besluit genomen.


Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 31 mei 2024, zaaknummer AWB 23/2799, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 12 december 2024 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. Z.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.