Vreemdelingenrecht

Dublin plakvovo, verzoek afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 19 januari 2024

Zaakgegevens

Op 19 januari 2024 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
19 januari 2024
Datum publicatie
1 maart 2024
Zaaknummer
NL23.39559
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2024:2674
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin plakvovo, verzoek afgewezen.

Uitspraak

uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.39559

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , V-nummer: [V nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. J.G. Wiebes),

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, (gemachtigde: mr. S.J. Versteeg).

Procesverloop

Bij besluit van 18 december 2023 (het bestreden besluit) heeft de staatssecretaris de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.

Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de zaak NL23.39558, op

9 januari 2024 op zitting behandeld. Verzoeker heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL23.39558, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Eversteijn, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van

K.F.K. Hoogbruin, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

19 januari 2024

[afbeelding niet beschikbaar]

Documentcode: [Documentcode]

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.