Vreemdelingenrecht
VoVo afgewezen gelet op gelijktijdige uitspraak op het beroep.
Rechtbank Den Haag, 25 juni 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:11902 · Rechtbank Den Haag · 25 juni 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2025-11902
Zaakgegevens
Op 25 juni 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 25 juni 2025
- Datum publicatie
- 7 juli 2025
- Zaaknummer
- NL24.10290 NL24.10292
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2025:11902
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
VoVo afgewezen gelet op gelijktijdige uitspraak op het beroep.
Uitspraak
uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummers: NL24.10290 en NL24.10292
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoekster] en [verzoeker] ,
V-nummers: [V-nummer] en [V-nummer]
tezamen: verzoekers (gemachtigde: mr. S.N. Ali),
en
de Minister van Asiel en Migratie1, de minister (gemachtigde: mr. M.K. Ruijzendaal).
Procesverloop
Bij besluiten van 1 maart 2024 (de bestreden besluiten) heeft de minister de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de verlengde asielprocedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken, tezamen met de bodemzaken NL24.10289 en NL24.10291, op 3 april 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekers, de gemachtigde van verzoekers, L. Harutyunyan als tolk en de gemachtigde van de minister.
Overwegingen
Verzoekers hebben de Colombiaanse nationaliteit en zijn geboren op [geboortedatum] 2000 (verzoekster) respectievelijk [geboortedatum] 2003 (verzoeker).
Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers NL24.10289 en NL24.10291, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen van verzoekers. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
1 Voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Zowel de minister als de staatssecretaris worden voor de leesbaarheid in deze uitspraak aangeduid als de minister.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. Spelt, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M.M.A.F.C. Lienaerts, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
25 juni 2025