Vreemdelingenrecht

Dublin Duitsland, uitspraak in beroep, vovo afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 16 oktober 2025

Zaakgegevens

Op 16 oktober 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
16 oktober 2025
Datum publicatie
17 oktober 2025
Zaaknummer
NL25.42714
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:19013
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin Duitsland, uitspraak in beroep, vovo afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.42714


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. W.P.R. Peeters),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.


Procesverloop

Bij besluit van 3 september 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.


Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verzoeker heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.42713, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 16 oktober 2025 door mr. J.F.I. Sinack voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.S.J.I. Hendrickx, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.