Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag · Voorlopige voorziening · Vreemdelingenrecht

Rechtbank Den Haag, 20 oktober 2025

Zaakgegevens

Op 20 oktober 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
20 oktober 2025
Datum publicatie
20 oktober 2025
Zaaknummer
NL25.24653
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:19164
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

plakvovo

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.24653


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam] , verzoekster,

geboren op [geboortedatum] ,

V-nummer: [nummer] ,

van Nigeriaanse nationaliteit,

(gemachtigde: mr. G.E. Jans),

en

de Minister van Asiel en Migratie,

(gemachtigde: mr. M. Ponne).

Procesverloop

1. De minister heeft met het besluit van 8 mei 2025 de reguliere verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking ‘tijdelijk humanitair’ met teugwerkende kracht per 4 januari 2024 ingetrokken. Bij dit besluit is ook bepaald dat aan verzoekster niet ambtshalve een niet-tijdelijke verblijfsvergunning regulier op humanitaire gronden of op grond van medische behandeling wordt verleend.

1.1.

Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

1.2.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met zaaknummer NL25.24652, op 25 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, haar gemachtigde en de gemachtigde van de minister. Er was ook een tolk aanwezig.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.24652, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. F. Aissa, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.