Vreemdelingenrecht

Ontvankelijkheid, bevoegdheid minister, intrekking voornemen, Geloofwaardigheid van identiteit, nationaliteit…

Rechtbank Den Haag, 14 maart 2025

Zaakgegevens

Op 14 maart 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
14 maart 2025
Datum publicatie
17 maart 2025
Zaaknummer
NL24.31937
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:4076
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Ontvankelijkheid, bevoegdheid minister, intrekking voornemen, Geloofwaardigheid van identiteit, nationaliteit en herkomst, ongegrond, pkv.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg


Bestuursrecht

zaaknummer: NL24.31937


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster], verzoekster

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. C.G. Matze),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen: de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Procesverloop

Bij besluit van 18 juli 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekster afgewezen als kennelijk ongegrond.

Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL24.31278, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.


Deze uitspraak is gedaan op 14 maart 2025 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.Z.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.