Vreemdelingenrecht

Voorlopige voorziening afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 2 juni 2026

Zaakgegevens

Op 2 juni 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
2 juni 2026
Datum publicatie
2 juni 2026
Zaaknummer
NL25.45334
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:14749
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Voorlopige voorziening afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.45334


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen


[naam], verzoeker,

geboren op [geboortedatum],

van Venezolaanse nationaliteit,

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. E. Derksen),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. R.R. de Groot).

Samenvatting

1.1.

Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier onder de beperking medische behandeling. De minister heeft deze aanvraag met het bestreden besluit van 15 januari 2025 afgewezen. De minister is in de beslissing op het bezwaar van 16 september 2025 bij de afwijzing van het besluit gebleven.

1.2.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep van verzoeker met zaaknummer NL25.45334, op 21 april 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker, een tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.45333, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2.1.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Sibma, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.