Vreemdelingenrecht
plakvovo – dublin – afgewezen
Rechtbank Den Haag, 25 juni 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:17699 · Rechtbank Den Haag · 25 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2026-17699
Zaakgegevens
Op 25 juni 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Datum uitspraak
- 25 juni 2026
- Datum publicatie
- 30 juni 2026
- Zaaknummer
- NL26.14170 en NL26.14172
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:17699
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
plakvovo – dublin – afgewezen
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL26.14170 en NL26.14172
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoeker 1] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer 1]
en
[verzoekster] , verzoeksterV-nummers: [V-nummer 2] ,
Mede ten behoeve van hun minderjarige kinderen,
[verzoeker 2] , V-nummer: [V-nummer 3] ,
[verzoeker 3] , V-nummer: [V-nummer 4]
(gemachtigde: mr. H.C. van Asperen),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Bij besluiten van 12 maart 2026 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om voorlopige voorzieningen te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
Overwegingen
1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers, NL26.14169 en NL26.14171, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. De voorlopige voorzieningen zijn daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorzieningen af.
Deze uitspraak is gedaan op 25 juni 2026 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. Y. Chakur, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.