Vreemdelingenrecht

Plakvovo bij AWB 24/13170

Rechtbank Den Haag, 5 februari 2026

Zaakgegevens

Op 5 februari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
5 februari 2026
Datum publicatie
9 februari 2026
Zaaknummer
AWB 24/13171
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:2081
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Plakvovo bij AWB 24/13170

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: AWB 24/13171


uitspraak van de voorzieningenrechter van 5 februari 2026 in de zaak tussen

[verzoekster] , verzoekster

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. S. Karkache),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. I. Vugs).

Procesverloop

In het besluit van 10 oktober 2023 heeft verweerder de aanvraag van verzoekster voor een machtiging tot voorlopig verblijf afgewezen. Met het besluit van 6 augustus 2024 heeft verweerder op het bezwaar van verzoekster beslist: verweerder is bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.

Verzoekster heeft tegen het besluit van 6 augustus 2024 beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Met de uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 24/13170, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 5 februari 2026 door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van N.A. D’Hoore, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerd publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier

voorzieningenrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.