Vreemdelingenrecht
Dublin plakvovo. Vovo afgewezen. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure veroordeelt de…
Rechtbank Den Haag, 9 februari 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:2129 · Rechtbank Den Haag · 9 februari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/bestuursrecht/vreemdelingenrecht/voorlopige-voorziening/ecli-nl-rbdha-2026-2129
Zaakgegevens
Op 9 februari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 9 februari 2026
- Datum publicatie
- 9 februari 2026
- Zaaknummer
- NL25.52927 en NL25.52931
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Vreemdelingenrecht
- Procedure
- Voorlopige voorzieningVoorlopige voorzieningEen tijdelijke maatregel van de voorzieningenrechter, bijvoorbeeld het schorsen van een besluit, zolang bezwaar of beroep loopt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:2129
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Dublin plakvovo. Vovo afgewezen. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure veroordeelt de voorzieningenrechter de minister in de door verzoekers gemaakte proceskosten.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummers: NL25.52927 en NL25.52931
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[naam] , verzoekster,
geboren op [geboortedatum]
V-nummers: [v-nummer:] ,
[naam], verzoeker,
geboren op [geboortedatum] ,
V-nummer: [v-nummer:] ,
mede namens hun minderjarige kinderen,
[naam] ,
geboren op [geboortedatum]
V-nummer: [v-nummer:] ,
[naam] ,
geboren op [geboortedatum]
V-nummer: [v-nummer:] ,
allen van Nigeriaanse nationaliteit en hierna gezamenlijk te noemen: verzoekers,
(gemachtigde: mr. M. Pater),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
(gemachtigde: mr. B.W. Zagers).
Inleiding
1. De minister heeft op 29 oktober 2025 de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoekers hebben tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
De rechtbank heeft de beroepen, tegelijk met de verzoeken om voorlopige voorzieningen, op 3 februari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van verzoekers en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
3. Gelet op de uitkomst van de beroepsprocedure veroordeelt de voorzieningenrechter de minister in de door verzoekers gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 934,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor 1). Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is sprake van samenhangende zaken.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
-
wijst de verzoeken om voorlopige voorzieningen af;
-
veroordeelt de minister in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 934,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Strating, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.