Vreemdelingenrecht

Dublin plakvovo. Vovo afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 8 september 2026

Zaakgegevens

Op 8 september 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
8 september 2026
Datum publicatie
11 september 2026
Zaaknummer
NL26.20420
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:26420
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin plakvovo. Vovo afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.20420


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen


[naam], verzoekster,

geboren op [geboortedatum],

van Algerijnse nationaliteit,

V-nummer: [v-nummer:],

(gemachtigde: mr. J. Sinnema),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Inleiding

1. Bij besluit van 9 april 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling ervan.

1.1.

Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak zonder zitting.

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.20419, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep kennelijk ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Strating, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Dit beroep staat geregistreerd onder zaaknummer: NL26.20419. Algemene wet bestuursrecht.