Vreemdelingenrecht

Dublin buiten zitting – plakvovo – uitspraak in beroep – voorlopige voorziening afgewezen

Rechtbank Den Haag, 10 maart 2026

Zaakgegevens

Op 10 maart 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
10 maart 2026
Datum publicatie
12 maart 2026
Zaaknummer
NL26.9671
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:5066
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Dublin buiten zitting – plakvovo – uitspraak in beroep – voorlopige voorziening afgewezen

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg


Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.9671


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker,

V-nummer: [V-nummer] ,

(gemachtigde: mr. F.J.M. Schonkeren),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.


Procesverloop

Bij het besluit van 20 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.


Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.9670, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing


De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 10 maart 2026 door mr. E.J. Govaers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. S. Mohandes, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.