Vreemdelingenrecht

Verzoek om voorlopige voorziening bij beroep. Kennelijk ongegrond.

Rechtbank Den Haag, 16 maart 2026

Zaakgegevens

Op 16 maart 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Middelburg
Datum uitspraak
16 maart 2026
Datum publicatie
18 maart 2026
Zaaknummer
NL 26 8392
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:5741
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoek om voorlopige voorziening bij beroep. Kennelijk ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.8392


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen


[verzoeker] , verzoeker

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. J.J.J. Jansen),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Inleiding

In het besluit van 14 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen omdat Duitsland daarvoor verantwoordelijk is.

Verzoeker heeft beroep (NL26.8391) ingesteld tegen het bestreden besluit. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat hij niet zal worden overgedragen aan Duitsland voordat op het beroep is beslist.

De voorzieningenrechter doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

1. In de uitspraak van vandaag in de zaak met nummer NL26.8391 heeft de rechtbank beslist op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. Om die reden wordt het verzoek als kennelijk ongegrond afgewezen.

2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan op 16 maart 2026 door mr. dr E.J. Govaers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.