Vreemdelingenrecht

Uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw. Geen spoedeisend belang. Vovo afgewezen.

Rechtbank Den Haag, 19 maart 2026

Zaakgegevens

Op 19 maart 2026 heeft de Rechtbank Den Haag in een voorlopige voorziening uitspraak gedaan in een zaak over vreemdelingenrecht.

Instantie
Rechtbank Den Haag
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
19 maart 2026
Datum publicatie
24 april 2026
Zaaknummer
NL26.4860
Procedure
Voorlopige voorziening
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:9829
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vw. Geen spoedeisend belang. Vovo afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: NL26.4860


uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , V-nummer: [V-nummer] , verzoekster

(gemachtigde: mr. D.G. Metselaar),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister.

Procesverloop

1. Met het besluit van 14 november 2024 heeft de minister ambtshalve bepaald dat verzoekster niet in aanmerking komt voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 van de Vreemdelingenwet 2000.

2. Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Tevens heeft hij de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

3. Partijen hebben over en weer schriftelijk standpunten uitgewisseld.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

4. Verzoekster heeft gevraagd om vrijstelling van de verplichting tot het betalen van griffierecht. De voorzieningenrechter wijst dit verzoek toe. Verzoekster is geen griffierecht verschuldigd.

5. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb ziet de voorzieningenrechter aanleiding om uitspraak te doen, zonder het verzoek op zitting te behandelen.

6. Verzoekster stelt dat haar opvangvoorziening binnenkort beëindigd zal worden. Zij en haar minderjarige kinderen zullen dan naar een gezinslocatie worden overgeplaatst. Volgens verzoekster is het in haar belang en dat van haar kinderen dat zij niet worden overgeplaatst en dat zij in de huidige opvangvoorziening mogen blijven. Zo is verzoekster daar onder meer afhankelijk van (psychische) zorg. Zij vreest dat zij na de overplaatsing in een medische noodsituatie zal komen te verkeren, als gevolg waarvan zij niet meer voor haar kinderen kan zorgen. Er moet voorkomen worden dat een melding bij Veilig thuis wordt gedaan. Verzoekster doet hierbij een beroep op artikel 3 van het Internationaal Verdrag tot bescherming van de Rechten van het Kind.

7. De voorzieningenrechter is van oordeel dat er geen spoedeisend belang bestaat bij het treffen van een voorlopige voorziening. Hij overweegt daartoe dat de minister op

16 maart 2026 heeft laten weten dat verzoekster de behandeling van haar bezwaar in Nederland mag afwachten. Zij wordt daarom thans niet met uitzetting bedreigd. Verder is van belang dat er geen sprake is van een situatie waarbij de opvang voor verzoekster en haar minderjarige kinderen wordt beëindigd. Er is immers enkel sprake van een overplaatsing. Voorts heeft verzoekster niet onderbouwd dat de medische en psychische zorg die zij stelt nodig te hebben, niet beschikbaar en toegankelijk is op de gezinslocatie. Ook is niet onderbouwd dat de overplaatsing naar een gezinslocatie in strijd is met de belangen van haar kinderen. Een gezinslocatie is juist gericht op de opvang van gezinnen met minderjarige kinderen.

8. Gelet op het ontbreken van spoedeisend belang wijst de voorzieningenrechter het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening af.

9. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. van Ettikhoven, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 19 maart 2026.

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.