Civiel recht overig
Scheiding met nevenvoorziening
Rechtbank Den Haag, 16 december 2025
ECLI:NL:RBDHA:2025:26550 · Rechtbank Den Haag · 16 december 2025
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbdha-2025-26550
Zaakgegevens
Op 16 december 2025 heeft de Rechtbank Den Haag in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 16 december 2025
- Datum publicatie
- 16 januari 2026
- Zaaknummer
- C/09/673969 / FA RK 24-7332
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.K. Jap A Joe te Utrecht, mr. F.J.N. Hendriksen Rattan-Tewari te Amsterdam
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2025:26550
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Scheiding met nevenvoorziening
Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 24-7332
Zaaknummer: C/09/673969
Datum beschikking: 16 december 2025
Scheiding met nevenvoorziening
Beschikking op het op 11 oktober 2024 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. H.K. Jap A Joe te Utrecht.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de man] ,
de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. F.J.N. Hendriksen Rattan-Tewari te Amsterdam.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
-
het verzoekschrift;
-
het betekeningsexploot;
-
het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift;
- het verweer tegen het zelfstandig verzoek;
- de brief van 17 juli 2025 van de zijde van de vrouw, met bijlagen;
- de brief van 16 november 2025 van de zijde van de man, met bijlage.
Op 11 december 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:
-
de vrouw bijgestaan door haar advocaat;
-
de man bijgestaan door zijn advocaat.
Feiten
- Partijen zijn gehuwd op [datum] 2022 te [plaats] ( [land] ).
- De man heeft de Nederlandse nationaliteit en de vrouw heeft de Surinaamse nationaliteit.
Verzoek en verweer
Het verzoek van de vrouw strekt thans nog tot het uitspreken van de echtscheiding.
De man heeft zelfstandig verzocht om de echtscheiding uit te spreken met een nevenvoorziening tot:
- verklaring dat het Nederlands huwelijksvermogensregime van toepassing is op de omvang en waardering van de huwelijksgemeenschap van partijen met als peildatum de datum van de voltrekking van het huwelijk;
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
Beoordeling
Echtscheiding
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat beide echtgenoten hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, komt aan de Nederlandse rechter met betrekking tot het verzoek tot echtscheiding rechtsmacht toe. De rechtbank zal op grond van artikel 10:56, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek Nederlands recht op het verzoek tot echtscheiding toepassen.
Inhoudelijke beoordeling
De vrouw en de man hebben gesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Beide partijen verzoeken de echtscheiding uit te spreken, zodat de rechtbank de verzoeken tot echtscheiding als op de wet gegrond zal toewijzen.
Daarnaast heeft de vrouw tijdens de zitting aangegeven geen verweer te voeren tegen de verzochte nevenvoorziening van de man, zodat de rechtbank dienovereenkomstig zal beslissen.
Beslissing
De rechtbank:
*
spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd op [datum] 2022 te [plaats] ( [land] );
*
verklaart dat het Nederlands huwelijksvermogensregime van toepassing is op de omvang en waardering van de huwelijksgemeenschap van partijen met als peildatum de datum van de voltrekking van het huwelijk;
*
verklaart deze beschikking –met uitzondering van de echtscheiding – uitvoerbaar bij voorraad.
|
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. Brakel, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. L.E. Visser als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 16 december 2025. |