Personen- en familierecht
Verschoning. Verzoek toegewezen.
Rechtbank Den Haag, 12 augustus 2026
ECLI:NL:RBDHA:2026:23134 · Rechtbank Den Haag · 12 augustus 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-den-haag/civiel-recht/personen-en-familierecht/verschoning/ecli-nl-rbdha-2026-23134
Zaakgegevens
Op 12 augustus 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Rechtbank Den HaagRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Den Haag
- Datum uitspraak
- 12 augustus 2026
- Datum publicatie
- 17 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/09/710798 / KG RK 26-1193
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- VerschoningVerschoningEen rechter trekt zich zelf terug uit een zaak, omdat zijn onpartijdigheid in het geding kan komen.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:23134
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Verschoning. Verzoek toegewezen.
Uitspraak
Rechtbank den haag
Verschoningskamer
Verschoningsnummer: 2026/17
Zaak-/rekestnummer: C/09/710798 / KG RK 26-1193
Beslissing van 12 augustus 2026
van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek van
mr. J.S. Honée,
rechter in de rechtbank Den Haag,
hierna: de rechter,
belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk C/09/707629 FA RK 26-6308 van:
[verzoekster] te [woonplaats] ,
verzoekster,
bijgestaan door mr. M.E. Hoogenraad, advocaat te Rotterdam,
tegen
[verweerder] te [woonplaats] ,
verweerder,
bijgestaan door mr. B.S. van Haeften, advocaat te Den Haag.
1 De procedure
De rechter heeft op 11 augustus 2026 een verschoningsverzoek ingediend.
Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld.
2 Het verschoningsverzoek
De rechter heeft aan het verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat een procesdeelnemer onderdeel uitmaakt van de persoonlijke kennissenkring van de rechter
3 De beoordeling
Uitgangspunt is dat een rechter op grond van zijn aanstelling wordt vermoed onpartijdig te zijn. Uitzonderlijke omstandigheden kunnen een aanwijzing opleveren dat een rechter ten opzichte van een partij vooringenomen is of dat daarvoor een terechte vrees bestaat. Ook de uiterlijke schijn kan daarbij een rol spelen.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. Zo wordt de schijn van partijdigheid vermeden. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen.
4 De beslissing
De verschoningskamer:
wijst het verzoek tot verschoning toe;
bepaalt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond op het moment dat verschoningsverzoek werd ingediend;
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
* de rechter;
* alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is genomen in raadkamer op 12 augustus door mrs. A.M. Boogers,
A.M.A. Keulen en E.E. Schotte, in tegenwoordigheid van de griffier.