Civiel recht overig

Civiel procesrecht: art 112 lid 3 Rv: niet gebleken van een formele betekening van het oproepingsbericht…

Rechtbank Gelderland, 23 augustus 2018

Zaakgegevens

Op 23 augustus 2018 heeft de Rechtbank Gelderland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Gelderland
Zittingsplaats
Arnhem
Datum uitspraak
23 augustus 2018
Datum publicatie
3 september 2018
Zaaknummer
18.9232
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2018:3777
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Civiel procesrecht: art 112 lid 3 Rv: niet gebleken van een formele betekening van het oproepingsbericht, eiser niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]

VOORBLAD

Rechtbank Gelderland

Zaaknummer: NL18.9232

[eiser] tegen Gemeente Rijnwaarden

Vonnis van 23 augustus 2018

vonnis

_________________________________________________________________ _

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Zittingsplaats Arnhem

zaaknummer: NL18.9232

Vonnis van 23 augustus 2018

in de zaak van

[eiser] ,
wonende te [woonplaats] ,
eiser,
advocaat mr. A.A. Westers te Groningen,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon
GEMEENTE RIJNWAARDEN,
zetelend te Zevenaar,
verweerster,
niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de procesinleiding

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

De rechtbank heeft op 15 mei 2018 de procesinleiding ontvangen, waarna de griffier eiser conform artikel 111 Rv. een oproepingsbericht heeft gestuurd. Verweerster is niet verschenen op de dag waarop zij uiterlijk diende te verschijnen. Van een formele betekening van het oproepingsbericht is niet gebleken, nu eiser geen exploot van betekening van het oproepingsbericht heeft ingediend. Eiser zal ingevolge artikel 112 lid 3 Rv niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

verklaart eiser niet-ontvankelijk in zijn vordering.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.J.B. Boonekamp en in het openbaar uitgesproken op 23 augustus 2018.