Strafrecht overig
De behandeling van de strafzaak is al geëindigd. Aangezien de wet niet voorziet in de mogelijkheid om…
Rechtbank Gelderland, 11 april 2016
ECLI:NL:RBGEL:2016:2024 · Rechtbank Gelderland · 11 april 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-gelderland/strafrecht/strafrecht-overig/wraking/ecli-nl-rbgel-2016-2024
Zaakgegevens
Op 11 april 2016 heeft de Rechtbank Gelderland uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Rechtbank GelderlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Datum uitspraak
- 11 april 2016
- Datum publicatie
- 12 april 2016
- Zaaknummer
- 300248 / KG RK 16-316
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- WrakingWrakingEen partij vraagt om een rechter van de zaak te halen, omdat zij twijfelt aan diens onpartijdigheid.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBGEL:2016:2024
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
De behandeling van de strafzaak is al geëindigd. Aangezien de wet niet voorziet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van de zaak is geëindigd door het doen van een einduitspraak, wraking te verzoeken van de rechter die deze uitspraak heeft gedaan, is verzoeker om die reden niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek. De wrakingskamer verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek om wraking.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK GELDERLAND, locatie Arnhem
Wrakingskamer
zaaknummer / rekestnummer: 300248 / KG RK 16-316
Beschikking van 11 april 2016
in de zaak van
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker tot wraking,
verder: verzoeker,
tegen
mr. [naam] , in haar hoedanigheid van politierechter in de strafzaak geregistreerd onder het parketnummer 05/163893-12,
verder: de rechter.
1 De procedure
Bij schrijven van 17 maart 2016 heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter.
2 De beoordeling
De wrakingskamer stelt vast dat de rechter in de strafzaak geregistreerd onder het parketnummer 05/163893-12 ter openbare terechtzitting van 15 maart 2015 mondeling vonnis heeft gewezen. Dat betekent dat verzoeker het wrakingsverzoek heeft ingediend nadat het vonnis is gewezen en dat de behandeling van de strafzaak op het moment van indienen van het wrakingsverzoek dus al was geëindigd.
Aangezien de wet niet voorziet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van de zaak is geëindigd door het doen van een einduitspraak, wraking te verzoeken van de rechter die deze uitspraak heeft gedaan, is verzoeker om die reden niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek.
Nu aanstonds duidelijk is dat verzoeker niet-ontvankelijk is in zijn wrakingsverzoek, zal worden afgezien van een mondelinge behandeling van het verzoek.
3 De beslissing
De wrakingskamer verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek om wraking.
Deze beschikking is gegeven door de mrs. T. ter Brugge (voorzitter), M.P.C.J. van Bavel en
G. Noordraven en in tegenwoordigheid van mr. T. de Munnik, griffier, en in openbaar uitgesproken op 11 april 2016.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.