Burgerlijk procesrecht
Wanprestatie aannemer. Bestaan schade onduidelijk.
Rechtbank Limburg, 8 augustus 2018
ECLI:NL:RBLIM:2018:7708 · Rechtbank Limburg · 8 augustus 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rblim-2018-7708
Zaakgegevens
Op 8 augustus 2018 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 8 augustus 2018
- Datum publicatie
- 15 augustus 2018
- Zaaknummer
- 6045525 CV EXPL 17-4920
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2018:7708
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Wanprestatie aannemer. Bestaan schade onduidelijk.
Procesgang
Rechtbank Limburg · 21 februari 2018
ECLI:NL:RBLIM:2018:7706Rechtbank Limburg · 30 mei 2018
ECLI:NL:RBLIM:2018:7707Rechtbank Limburg · 8 augustus 2018deze uitspraak
ECLI:NL:RBLIM:2018:7708
Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: 6045525 CV EXPL 17-4920
Vonnis van de kantonrechter van 8 augustus 2018
in de zaak van
[eiseres] ,
wonend te [woonplaats] ,
eisende partij,
gemachtigde mr. W. van Es (Achmea Rechtsbijstand),
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
AA INSTALLATIES MAASTRICHT B.V.,
gevestigd te Maastricht,
gedaagde partij,
gemachtigde mr. A.J.J. Kreutzkamp.
Partijen zullen hierna [eiseres] en AA Installaties genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure na het tussenvonnis van 30 mei 2018 blijkt uit de akte uitlating van AA Installaties.
Ten slotte is weer vonnis bepaald.
2 De verdere beoordeling
In voornoemd tussenvonnis is de kantonrechter teruggekomen van haar bij tussenvonnis van 21 februari 2018 uitgesproken voornemen om een deskundige te benoemen. In plaats daarvan heeft zij [eiseres] opdragen de hoogte van de schade te bewijzen. Verder heeft zij AA Installaties in de gelegenheid gesteld om te reageren op hetgeen [eiseres] bij akte van 21 maart 2018 naar voren heeft gebracht.
[eiseres] heeft geen bewijs aangedragen van de hoogte van haar schade. Dit betekent dat niet kan worden vastgesteld dat [eiseres] schade heeft geleden door de wanprestatie van AA Installaties en zo ja, hoe hoog deze schade is. Haar vorderingen zullen daarom worden afgewezen.
[eiseres] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten van AA Installaties. Deze worden tot vandaag begroot op € 437,50 aan salaris gemachtigde (2,5 punt x tarief € 175,-).
3. De beslissing
De kantonrechter
wijst de vorderingen van [eiseres] af,
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van AA Installaties, tot vandaag begroot op € 437,50,
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
Dit vonnis is gewezen door mr. G.M. Drenth en in het openbaar uitgesproken.
type: GD