Burgerlijk procesrecht
Eiseres vordert de schorsing te bevelen van de aangezegde verkoop van een Mercedes waarop beslag is gelegd…
Rechtbank Limburg, 12 september 2017
ECLI:NL:RBLIM:2017:12914 · Rechtbank Limburg · 12 september 2017
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/burgerlijk-procesrecht/kort-geding/ecli-nl-rblim-2017-12914
Zaakgegevens
Op 12 september 2017 heeft de Rechtbank Limburg in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over burgerlijk procesrecht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 12 september 2017
- Datum publicatie
- 19 september 2018
- Zaaknummer
- C/03/240055 / KG ZA 17-463
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Burgerlijk procesrecht
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2017:12914
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Eiseres vordert de schorsing te bevelen van de aangezegde verkoop van een Mercedes waarop beslag is gelegd. Volgens eiseres is niet zij, maar haar zoon de eigenaar van de Mercedes waarop door gedaagde beslag is gelegd.
Op grond van art. 3:303 BW komt zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toe. Er veronderstellenderwijs van uitgaand dat eiseres niet de eigenaar is van de Mercedes waarop beslag is gelegd, heeft zij - zoals gedaagde terecht heeft aangevoerd - geen belang bij de door haar ingestelde vordering.
Volgt afwijzing vordering.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer / rolnummer: C/03/240055 / KG ZA 17-463
Vonnis in kort geding van 12 september 2017
in de zaak van
[eiseres] ,
wonende te [woonplaats 1] ,
eiseres,
advocaat mr. L.H. Dierx,
tegen
[gedaagde] ,
wonende te [woonplaats 2] ,
gedaagde,
advocaat mr. J.J.C. Delahaye.
Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
-
de dagvaarding
-
de mondelinge behandeling
-
de pleitaantekeningen van [eiseres]
-
de pleitnota van [gedaagde] .
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 Het geschil
[eiseres] vordert samengevat - de schorsing te bevelen van de aangezegde verkoop van Mercedes met kenteken [kenteken] waarop beslag is gelegd.
[gedaagde] voert verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
3 De beoordeling
[eiseres] heeft - kort gezegd - gesteld dat niet zij, maar haar zoon [naam zoon] de eigenaar is van de Mercedes waarop door [gedaagde] beslag is gelegd, reden waarom zij schorsing van de aangezegde verkoop van de Mercedes vordert.
Op grond van art. 3:303 BW komt zonder voldoende belang niemand een rechtsvordering toe. Er veronderstellenderwijs van uitgaand dat [eiseres] niet de eigenaar is van de Mercedes waarop beslag is gelegd, heeft [eiseres] - zoals [gedaagde] terecht heeft aangevoerd - geen belang bij de door haar ingestelde vordering. Reeds hierom zal het gevorderde worden afgewezen.
[eiseres] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op:
- vast recht € 287,00
- salaris advocaat € 816,00
Totaal € 1.103,00
De gevorderde veroordeling in de nakosten is in het kader van deze procedure slechts toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment reeds kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld.
4 De beslissing
De voorzieningenrechter
wijst het gevorderde af,
veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op € 1.103,00,
veroordeelt [eiseres] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op
€ 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat [eiseres] niet binnen twee weken na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, over de nakosten met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening,
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. Hoekstra en in het openbaar uitgesproken.