Civiel recht overig
Erfrecht. 4:206 BW. Niet gespecificeerde verschotten ad 4 % zijn geen looncomponent doch vereffeningskosten…
Rechtbank Limburg, 15 januari 2020
ECLI:NL:RBLIM:2020:359 · Rechtbank Limburg · 15 januari 2020
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rblim-2020-359
Zaakgegevens
Op 15 januari 2020 heeft de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 15 januari 2020
- Datum publicatie
- 17 januari 2020
- Zaaknummer
- 8265135 BR VERZ 20-16
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2020:359
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Erfrecht. 4:206 BW. Niet gespecificeerde verschotten ad 4 % zijn geen looncomponent doch vereffeningskosten die verzoekster overigens niet heeft gespecificeerd.
Uitspraak
[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beschikking
RECHTBANK LIMBURG
Burgerlijk recht / Kantonrechter
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer 8265135 BR VERZ 20-16
Beschikking van 15 januari 2020
[verzoekster] ,
kantoor houdend te [vestigingsplaats] ,
verzoekster, handelend in haar hoedanigheid als vereffenaar van de nalatenschap van
[erflater] .
1 Verloop van de procedure
Naar aanleiding van de beschikking van de kantonrechter van 18 september 2019 heeft [naam vertegenwoordigster] voor en namens verzoekster bij brieven met bijlagen, ter griffie van deze rechtbank ontvangen op 21 oktober 2019 en 2 januari 2020, de bij beschikking verzochte informatie en bescheiden aangeleverd en om de vaststelling van het loon van de vereffenaar verzocht.
Vervolgens is beschikking bepaald en wordt vandaag uitspraak gedaan.
2 De beoordeling
Uit de processtukken constateert de kantonrechter dat de vereffening van de nalatenschap is voltooid en dat het batige saldo voor verdeling gereed ligt.
Met inachtneming van het door het LOVCK&T gevoerde beleid zal de kantonrechter het vereffenaarsloon van verzoekster en haar medewerkers voor 2019 overeenkomstig het tarief van de landelijk geldende en gehanteerde Recofa-normen vaststellen op € 10.866,78 exclusief btw (zijnde € 9.465,18 aan regulier salaris en € 1.401,60 aan salaris voor de afwikkeling van de nalatenschap als bepaald in art. 6.3. sub c van de Recofa-normen en het bepaalde in art. I2 sub 9 van de Richtlijnen Vereffening nalatenschappen).
De door verzoekster in haar berekening verdisconteerde niet gespecificeerde verschotten ad 4 % zullen worden afgewezen. Voormelde verschotten zijn geen looncomponent doch vereffeningskosten die verzoekster overigens niet heeft gespecificeerd.
Teneinde de voortgang van het onderhavige dossier te bewaken geeft de kantonrechter verzoekster de aanwijzing om hem te berichten indien de verdeling heeft plaatsgevonden en de boedelrekening is opgeheven. Alsdan kan het dossier worden gesloten en gearchiveerd.
3 De beslissing
De kantonrechter
stelt:
- het vereffenaarsloon van verzoekster en van haar medewerkers ter zake de nalatenschap van [erflater] over 2019 vast op € 10.866,78 exclusief btw,
geeft de verzoekster aanwijzing om de kantonrechter te berichten indien de verdeling van de nalatenschap heeft plaatsgevonden en boedelrekening is opgeheven,
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.J. Quaedackers, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken.
YT