Civiel recht overig
Erfrecht. Salaris vereffenaar 4:206 BW. Tijdsbesteding voor intern kantooroverleg wordt slechts bij een van…
Rechtbank Limburg, 28 oktober 2021
ECLI:NL:RBLIM:2021:8242 · Rechtbank Limburg · 28 oktober 2021
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-limburg/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rblim-2021-8242
Zaakgegevens
Op 28 oktober 2021 heeft de Rechtbank Limburg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank LimburgRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Maastricht
- Datum uitspraak
- 28 oktober 2021
- Datum publicatie
- 3 november 2021
- Zaaknummer
- 8516945 BR VERZ 20-170
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBLIM:2021:8242
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Erfrecht. Salaris vereffenaar 4:206 BW. Tijdsbesteding voor intern kantooroverleg wordt slechts bij een van de medewerkers toegekend. De vereffening is voltooid en de kantonrechter heeft geen bemoeienis met de feitelijke verdeling.
Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Burgerlijk recht / Kantonrechter
Zaaknr: 8516945 BR VERZ 20-170
Beschikking van 28 oktober 2021
Inzake
[verzoeker] ,
kantoor houdend te [vestigingsplaats] , [adres] ,
verzoeker, in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van
[erflaatster] (verder: de erflaatster).
1 Het verloop van de procedure
De beschikking van de kantonrechter van 7 juli 2021.
De brief met bijlagen van verzoeker, ter griffie van deze rechtbank ontvangen op
7 september 2021.
Vervolgens is beschikking bepaald en wordt vandaag uitspraak gedaan.
2 De beoordeling
Verzoeker heeft voldaan aan het bij beschikking van 7 juli 2021 onder 2.2. verzochte zodat thans het vereffenaarsloon van verzoeker en zijn medewerkers kan worden vastgesteld. Rekening houdend met het feit dat intern kantooroverleg slechts bij een van de medewerkers wordt gehonoreerd zal het op 27 januari 2020 door [naam 1] gedeclareerde uur in mindering worden gebracht op het totaal van haar uurbesteding nu dat uur ook bij
[naam 2] is gedeclareerd, zullen de administratieve werkzaamheden aan de hand van ervaringsfactor 0,4 aan [naam 3] worden toegekend en zullen de werkzaamheden van
[naam 4] aan de hand van de urenspecificatie en de toelichting daarop worden gesplitst in 11,25 uur aan ervaringsfactor 0,8 en 3 uur aan ervaringsfactor 0,4. Het voorgaande leidt er toe dat aan de hand van de door verzoeker aangeleverde urenspecificatie en de ervaringsfactoren als aangevoerd in bijlage 2 bij de brief van verzoeker van 29 januari 2021 het vereffenaarsloon als volgt zal worden vastgesteld:
[naam 2] 2,27 uur x 1,3 x € 219,00 = € 646,27
[naam 1] 4,2 uur x 0,8 x € 219,00 = 735,84
[naam 3] 1,7 uur x 0,4 x € 219,00 = 148,92
[naam 4] 11,25 uur x 0,8 x € 219,00 = 1.971,00
Administratie 3 uur x 0,4 x € 219,00 = 262,80
Afwikkeling 4 uur x 1,6 x € 226,00 = 1.446,40
Totaal € 5.211,13 excl. btw.
Zoals in de beschikking van 7 juli 2021 is overwogen kan de kantonrechter instemmen met de door de vereffenaar voorgestelde praktische verdeling van de activa. Nu de vereffening is voltooid, het vereffenaarsloon is vastgesteld en de kantonrechter wettelijk bezien geen bemoeienis met de feitelijke verdeling van de resterende activa heeft, zal het dossier gesloten en gearchiveerd worden.
3 De beslissing
De kantonrechter
stelt het vereffenaarsloon van verzoeker zijn kantoorgenoten over de periode van
23 januari 2020 tot en met de afwikkeling vast op € 5.211,13 excl. btw.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.J. Quaedackers, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken.
YT