Civiel recht overig

Verwijzing op basis van 46b RO

Rechtbank Limburg, 28 juni 2023

Zaakgegevens

Op 28 juni 2023 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
28 juni 2023
Datum publicatie
30 juni 2023
Zaaknummer
10551683 CV EXPL 23-2477
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2023:3849
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verwijzing op basis van 46b RO

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]vonnis

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: 10551683 CV EXPL 23-2477

Vonnis van de kantonrechter van 28 juni 2023

in de zaak van

[eiser] ,

wonend te [woonplaats] ,

eisende partij,

gemachtigde mr. J.L.H. Holthuijsen,

tegen

de naamloze vennootschap

[gedaagde] ,

statutair gevestigd en kantoorhoudend te [vestigingsplaats] ,

gedaagde partij,

gemachtigde mr. R.M.H.H. Tuinstra.

Partijen zullen hierna [eiser] en [gedaagde] genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding alsmede akte houdende in het geding brengen van producties
1 t/m 32

- het e-mailbericht van 13 juni 2023 waarbij mr. Tuinstra zich stelt voor [gedaagde] .

1.2.

Vervolgens is de zaak naar de rol verwezen voor rolbeschikking, welke beslissing de kantonrechter heeft gewijzigd in vonnis waarvan de uitspraak is bepaald op heden.

2 De overwegingen

2.1.

[eiser] stelt dat bij [gedaagde] werkzame advocaten bij de behandeling van zijn zaak een aantal beroepsfouten hebben gemaakt. [eiser] vordert – kort gezegd – een verklaring voor recht dat [gedaagde] tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichting de zorg van een goed opdrachtnemer in acht te nemen alsmede vergoeding van de door [eiser] geleden schade.

2.2.

Onderhavige procedure is bij de kantonrechter van de Rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht aangebracht.

2.3.

Onderhavige zaak zal echter niet door deze rechtbank in behandeling worden genomen. Reden daarvoor is gelegen in het feit dat een van de behandelend advocaten van [gedaagde] inmiddels als medewerker verbonden is aan de Rechtbank Limburg.

2.4.

Om iedere schijn van partijdigheid uit te sluiten, heeft de kantonrechter besloten om de zaak op grond van het bepaalde in artikel 46b Wet op de rechterlijke organisatie te verwijzen naar de kamer voor kantonzaken van de Rechtbank Oost-Brabant, Burgerlijk Recht, locatie ’s-Hertogenbosch.

2.5.

Vanuit de locatie ’s-Hertogenbosch zullen partijen vervolgens in kennis worden gesteld over de voortgang van de procedure.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de Rechtbank Oost-Brabant, Burgerlijk Recht, locatie ’s-Hertogenbosch, Leeghwaterlaan 8, 5223 BA ’s-Hertogenbosch.

3.2.

bepaalt dat de zaak aldaar op de rol zal komen van donderdag 13 juli 2023 voor beraad kantonrechter.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken.

type: AH