Civiel recht overig

Bijzondere overeenkomst; huurrecht; woonruimte ontbinding/ontruiming

Rechtbank Limburg, 29 november 2023

Zaakgegevens

Op 29 november 2023 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
29 november 2023
Datum publicatie
4 december 2023
Zaaknummer
10757609 \ CV EXPL 23-4508
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2023:7059
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Bijzondere overeenkomst; huurrecht; woonruimte ontbinding/ontruiming

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 10757609 \ CV EXPL 23-4508

Vonnis van de kantonrechter van 29 november 2023

in de zaak van:

STICHTING WOONPUNT,

gevestigd te Maastricht,

eisende partij,

gemachtigde Agin Otten Gerechtsdeurwaarders,

tegen:

[gedaagde] ,

wonend [adres] ,

[woonplaats] ,

gedaagde partij,

procederende in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het verzoek om uitstel voor antwoord van gedaagde partij

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De beoordeling

2.1.

Gedaagde partij heeft, na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De vordering van eisende partij staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen.

2.2.

Gedaagde partij zal worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De kosten aan de zijde van eisende partij worden begroot op:

  • dagvaarding € 129,85

  • griffierecht € 487,00

  • salaris gemachtigde € 232,00

totaal € 848,85

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

ontbindt de bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde, staande en gelegen te [woonplaats] aan [adres] ,

3.2.

veroordeelt gedaagde partij, om binnen twee weken na betekening van dit vonnis het gehuurde met personen en zaken te ontruimen en met afgifte van de sleutels ter vrije beschikking van eisende partij te stellen,

3.3.

veroordeelt gedaagde partij voorts om aan eisende partij tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen de somma van € 2.561,53, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 11 oktober 2023 tot de dag van volledige betaling,

3.4.

veroordeelt gedaagde partij om aan eisende partij te betalen een vergoeding gelijk aan de huurprijs van € 761,77 voor elke ingegane maand met ingang van 1 november 2023 tot en met de maand waarin gedaagde partij het gehuurde heeft ontruimd,

3.5.

veroordeelt gedaagde partij voorts in de kosten van de procedure aan de zijde van eisende partij gevallen en aan die zijde tot op heden begroot op een bedrag van € 848,85,

3.6.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

3.7.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.H.J. Otto en in het openbaar uitgesproken.