Civiel recht overig

Bijzondere overeenkomst; arbeidsrecht; vordering ex CAO

Rechtbank Limburg, 10 september 2025

Zaakgegevens

Op 10 september 2025 heeft de Rechtbank Limburg in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Limburg
Zittingsplaats
Maastricht
Datum uitspraak
10 september 2025
Datum publicatie
12 september 2025
Zaaknummer
11779155 \ CV EXPL 25-2860
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBLIM:2025:8850
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Bijzondere overeenkomst; arbeidsrecht; vordering ex CAO

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: 11779155 \ CV EXPL 25-2860

Vonnis van 10 september 2025

in de zaak van

de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

STICHTING SOCIAAL FONDS VEILIGHEIDSDOMEIN,

kantoorhoudende te Maastricht,

eisende partij,

hierna te noemen: SFV,

gemachtigde: mr. J.P.C. Obbink,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BLAUW BEVEILIGING B.V.,

gevestigd Vrusschenhusken 1,

6422 PL Heerlen,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Blauw,

verschenen bij S.A.H. Boltong.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- het verzoek om uitstel van Blauw.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil en de beoordeling

2.1.

SFV vordert - samengevat - veroordeling van Blauw tot betaling van:

  1. een bedrag van € 2.412,86, vermeerderd met rente,

  2. een bedrag van € 361,93 aan buitengerechtelijke incassokosten,

  3. de kosten van het geding en de nakosten.

2.2.

Blauw was lid van de Vereniging Veiligheidsdomein Nederland (hierna: VVNL). Op grond van het lidmaatschap aan VVNL bestaat tussen SFV en Blauw gebondenheid aan de cao Veiligheidsdomein en een daarin opgenomen verplichting tot betaling van premies aan SFV.

Blauw is in gebreke gebleven met betaling van de aan haar gezonden premienota’s voor een totaalbedrag van € 2.412,86. Daarnaast maakt SFV aanspraak op vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten van € 361,93 en de wettelijke rente.

Inhoudelijke beoordeling

2.3.

Blauw heeft na verkregen uitstel niet meer geantwoord. De vordering ten aanzien van de hoofdsom staat daarom als niet weersproken tussen partijen vast en behoort als onvoldoende betwist te worden toegewezen.

Rente

2.4.

Ook de vordering ten aanzien van de wettelijke rente ligt als niet weersproken voor toewijzing gereed.

Buitengerechtelijke incassokosten

2.5.

SFV vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De hoofdvordering valt niet onder het toepassingsbereik van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter zal daarom de gevorderde vergoeding toetsen aan de oriëntatiepunten voor de beoordeling van dergelijke vorderingen uit het Rapport BGK-integraal, maar met toepassing van de wettelijke tarieven die geacht worden redelijk te zijn. De kantonrechter stelt vast dat SFV voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht.

De gevorderde vergoeding is in overeenstemming met het tarief in het Besluit en is daarom redelijk. Daarom zal een bedrag van € 361,93 worden toegewezen.

Proceskosten

2.6.

Blauw is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van SFV worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

€

148,04

- griffierecht

€

514,00

- salaris gemachtigde

€

238,00

(1 punt × € 238,00)

- nakosten

€

119,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

1.019,04

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1.

veroordeelt Blauw om aan SFV te betalen een bedrag van € 2.412,86, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen, tot de dag van volledige betaling,

3.2.

veroordeelt Blauw om aan SFV te betalen een bedrag van € 361,93 aan buitengerechtelijke kosten,

3.3.

veroordeelt Blauw in de proceskosten van € 1.019,04, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Blauw niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.V.L. Heuts en in het openbaar uitgesproken op 10 september 2025.

type: JEC