Bestuursprocesrecht

Niet-ontvankelijk, geen procesbelang

Rechtbank Midden-Nederland, 21 februari 2025

Zaakgegevens

Op 21 februari 2025 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursprocesrecht.

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
21 februari 2025
Datum publicatie
1 april 2025
Zaaknummer
UTR 23/4805
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2025:1451
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Niet-ontvankelijk, geen procesbelang

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 23/4805

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 februari 2025 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

en

de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap Utrecht, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiseres heeft ingesteld op 29 september 2023 tegen de uitspraak op bezwaar van verweerder van 22 september 2023.

Bij brief van 8 maart 2024 heeft verweerder de naheffingsaanslag parkeerbelasting van

5 juni 2023, gedagtekend 30 juni 2023, vernietigd. Daarmee is verweerder tegemoet gekomen aan de bezwaren van eiseres.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.

2. Bij besluit van 8 maart 2024 heeft verweerder eiseres medegedeeld dat de naheffingsaanslag van 5 juni 2023 is vernietigd.

3. De rechtbank stelt vast dat verweerder volledig aan de bezwaren van eiseres is tegemoet gekomen. Aangezien niet is gebleken van enig belang bij vernietiging van het besluit, zal het beroep wegens het ontbreken van proces belang niet-ontvankelijk worden verklaard.

4. De rechtbank heeft eiseres bij brief van 12 maart 2024 verzocht of zij uiterlijk

26 maart 2024 aan de rechtbank wil laten weten of zij het ofwel eens is met het besluit van

8 maart 2024 en het beroep intrekt ofwel dat zij uitlegt waarom zij het niet eens is het met het besluit. Bij brief van 1 mei 2024, 24 juli 2024 en 16 oktober 2024 is eiseres meermaals in de gelegenheid gesteld om te reageren. De aangetekende brief van 16 oktober 2024 is volgens de track and trace bezorgd op 17 oktober 2024. Eiseres heeft niet gereageerd. De rechtbank gaat er daarom van uit dat eiseres eens is met het besluit van 8 maart 2024.

5. De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Wolbrink, rechter, in aanwezigheid van E.J.H.C. Hui, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2025.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.