Civiel recht overig
Heropening vereffening van een ontbonden rechtspersoon vanwege een mogelijke bate op een derdengeldrekening.
Rechtbank Midden-Nederland, 10 juli 2026
ECLI:NL:RBMNE:2026:4548 · Rechtbank Midden-Nederland · 10 juli 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-midden-nederland/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rbmne-2026-4548
Zaakgegevens
Op 10 juli 2026 heeft de Rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Midden-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Utrecht
- Datum uitspraak
- 10 juli 2026
- Datum publicatie
- 21 juli 2026
- Zaaknummer
- C/16/608155 / HA RK 26-44
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. W.T. Broer
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2026:4548
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Heropening vereffening van een ontbonden rechtspersoon vanwege een mogelijke bate op een derdengeldrekening.
Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
Civiel recht
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer / rekestnummer: C/16/608155 / HA RK 26-44
Beschikking van 10 juli 2026
in de zaak van
1 [verzoeker sub 1] ,
wonende te [plaats] (Duitsland),
hierna te noemen: [verzoeker sub 1] ,
2
2. [verzoeker sub 2] ,
gevestigd te [plaats] ,
hierna te noemen: [verzoeker sub 2] ,
3
3. [verzoeker sub 3]
[verzoeker sub 3] ,
gevestigd te [plaats] ,
hierna te noemen: [verzoeker sub 3] ,
4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid in liquidatie
[verzoeker sub 4] ,
laatstelijk gevestigd te [plaats] ,
hierna te noemen: [verzoeker sub 4] ,
verzoekers,
advocaat: mr. W.T. Broer,
betreffende de heropening van de vereffening van
[vereffenaar] ,
laatstelijk gevestigd te [plaats] ,
hierna te noemen: Financieringen.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, ontvangen op 9 maart 2026;
- de mondelinge behandeling van 29 mei 2026.
Op de mondelinge behandeling hebben verzoekers hun standpunten toegelicht en hebben zij antwoord gegeven op de vragen van de rechter. De griffier heeft aantekening gehouden van hetgeen tijdens de mondelinge behandeling is besproken.
De beschikking is bepaald op vandaag.
2 De kern van de zaak
Financieringen en [verzoeker sub 4] zijn per 1 november 2012 ontbonden omdat er geen bekende baten meer aanwezig waren. [verzoeker sub 4] was bestuurder en enig aandeelhouder van Financieringen. [verzoeker sub 1] , de voormalige (middellijke) bestuurder van deze bedrijven, is recentelijk erachter gekomen dat € 218.000,- op een kwaliteitsrekening van een derde kan staan. Financieringen zou aanspraak kunnen maken op deze bate. De rechtbank is in twee afzonderlijke procedures verzocht de vereffeningen van [verzoeker sub 4] en Financieringen te heropenen, om de vordering op de derde te kunnen innen. De rechtbank wijst in deze procedure het verzoek van [verzoeker sub 1] , [verzoeker sub 3] en [verzoeker sub 4] (hierna: [verzoekers c.s.] ) tot heropening van de vereffening van Financieringen toe en benoemt [verzoeker sub 1] tot vereffenaar. [verzoeker sub 2] is als medeverzoeker opgenomen in het verzoekschrift. De rechtbank verklaart [verzoeker sub 2] niet-ontvankelijk in haar verzoek.
3 De beoordeling
Bevoegdheid
Deze rechtbank is bevoegd omdat Financieringen voorheen gevestigd was in het rechtsgebied van deze rechtbank.
Beoordelingskader
Uitgangspunt bij de beoordeling van een verzoek op grond van artikel 2:23c van het Burgerlijk Wetboek (BW) is het volgende. Indien na het tijdstip waarop een rechtspersoon is opgehouden te bestaan nog een schuldeiser of gerechtigde tot het saldo opkomt of van het bestaan van een bate blijkt, kan de rechtbank op verzoek van een belanghebbende de vereffening heropenen en zo nodig een vereffenaar benoemen. Voor toewijzing van het verzoek is voldoende dat de door de verzoeker gestelde vordering en/of bate voldoende aannemelijk is om toewijzing van het verzoek te rechtvaardigen.
Het verzoek van [verzoekers c.s.] wordt toegewezen
[verzoeker sub 1] is belanghebbende bij het verzoek omdat hij voormalig (middellijk) bestuurder van Financieringen is. [verzoeker sub 1] is namelijk bestuurder van de stichting [stichting] , die op haar beurt weer bestuurder was van [verzoeker sub 4] . [verzoeker sub 4] was bestuurder van Financieringen. [verzoeker sub 3] en [verzoeker sub 4] zijn op grond van het voorgaande eveneens als belanghebbenden aan te merken.
Uit de overgelegde stukken blijkt dat de besloten vennootschap Financieringen is opgehouden te bestaan. Bij de Kamer van Koophandel is geregistreerd dat Financieringen is ontbonden en beëindigd met ingang van 27 november 2012.
[verzoekers c.s.] heeft aan zijn verzoek het volgende ten grondslag gelegd. Na beëindiging van de vereffening is gebleken dat er sprake is van een bate, namelijk een vordering van Financieringen op notariskantoor Dentons te Amsterdam, rechtsopvolger van notariskantoor Boekel de Nerée. Op 15 april 2008 heeft Financieringen een bedrag van
€ 218.000,- bijgeschreven op de derdengeldenrekening van Boekel de Nerée. De beoogde uiteindelijke begunstigde zou dit bedrag nooit betaald hebben gekregen. Het bedrag van
€ 218.000,- zou daarom nog op de kwaliteitsrekening moeten staan. [verzoekers c.s.] heeft gesteld dat zijn aanspraak nog niet verjaard kan zijn vanwege de bijzondere aard van een kwaliteitsrekening.
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van een noodzaak tot heropening van de vereffening. Ook is gebleken van de noodzaak van benoeming van een vereffenaar. De heer [vereffenaar] , de in het verzoekschrift voorgestelde vereffenaar, zal als zodanig worden benoemd.
De vereffenaar dient ervoor te zorgen dat zijn optreden als vereffenaar wordt ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel en hij moet daartoe de benodigde gegevens aan de Kamer van Koophandel verstrekken.
Omdat het primaire verzochte wordt toegewezen, kan hetgeen [verzoekers c.s.] subsidiair heeft verzocht onbesproken blijven.
[verzoeker sub 2] is niet ontvankelijk in haar verzoek
[verzoeker sub 2] is niet aan te merken als belanghebbende bij het verzoek (anders dan [verzoekers c.s.] ). Dat [verzoeker sub 2] optreedt als procesfinancier en adviseur van [verzoekers c.s.] maakt dat niet anders. [verzoeker sub 2] is geen schuldeiser van de ontbonden rechtspersoon en is dus niet gerechtigd tot een (eventuele) bate onder een derde.
Dit betekent dat de rechtbank [verzoeker sub 2] niet-ontvankelijk in haar verzoek zal verklaren.
4 De beslissing
De rechtbank:
heropent de vereffening van het vermogen van de besloten vennootschap [vereffenaar] , laatstelijk gevestigd in [plaats] ,
benoemt de heer [verzoeker sub 1] , wonende te [plaats] (Duitsland), tot vereffenaar,
verklaart [verzoeker sub 2] niet-ontvankelijk in haar verzoek,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.G. van Ommeren en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2026.
4054