Strafprocesrecht

Vrijspraak voor diefstal dan wel verduistering in vereniging van een boot en een boottrailer…

Rechtbank Midden-Nederland, 29 september 2023

Zaakgegevens

Op 29 september 2023 heeft de Rechtbank Midden-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over strafprocesrecht.

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Zittingsplaats
Utrecht
Datum uitspraak
29 september 2023
Datum publicatie
30 oktober 2023
Zaaknummer
16-256206-21
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBMNE:2023:5678
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vrijspraak voor diefstal dan wel verduistering in vereniging van een boot en een boottrailer. Niet-ontvankelijkheid vordering benadeelde partij.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16-256206-21 (P)

Vonnis van de meervoudige kamer van 29 september 2023

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1959 te [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] , [woonplaats] ,

hierna: verdachte.

1 ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 15 september 2023.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en standpunten van officier van justitie mr. S. Mirshahi en van hetgeen verdachte en zijn raadsman, mr. M. Kuipers, advocaat te Amsterdam, naar voren hebben gebracht.

2 TENLASTELEGGING

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er in het kort op neer dat verdachte:

feit 1

primair: op 23 september 2020 in Utrecht samen met anderen een trailer van [bedrijf] B.V. heeft gestolen;

subsidiair: dan wel deze trailer heeft verduisterd;

feit 2

primair: op 23 september 2020 in Maarssen samen met anderen een sloep van [benadeelde] heeft gestolen;

subsidiair: dan wel deze sloep heeft verduisterd.

3 VOORVRAGEN

De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4 VRIJSPRAAK

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd verdachte integraal vrij te spreken van het ten laste gelegde.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft eveneens integrale vrijspraak bepleit van het ten laste gelegde.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Uit het dossier, de rapportage van de reclassering van 20 maart 2023 en de brief van de maatschappelijk werkster die verdachte begeleidt van 12 september 2023 komt het beeld naar voren dat verdachte een kwetsbare en beïnvloedbare oudere man is met een licht verstandelijke beperking en gezondheidsproblemen. Dit beeld is bij de terechtzitting van 15 september 2023 bevestigd. Dat verdachte aanwezig was bij de tenlastegelegde feiten heeft hij bekend, maar de rechtbank heeft de overtuiging dat verdachte door zijn medeverdachten als katvanger is gebruikt voor het huren van de trailer. Niet is gebleken dat hij op de hoogte was van de plannen van zijn medeverdachten. Ook is op geen enkele wijze gebleken dat verdachte zelf baat heeft gehad bij zijn handelingen. Dit oordeel is mede gebaseerd op de voor verdachte ontlastende verklaring die medeverdachte [medeverdachte] tijdens de zitting van 15 september 2023 als getuige in de zaak van verdachte heeft afgelegd. Al met al is de rechtbank van oordeel dat niet wettig en overtuigend kan worden bewezen dat verdachte kan worden aangemerkt als medepleger van de tenlastegelegde diefstallen dan wel verduisteringen. De rechtbank zal verdachte dan ook van beide feiten vrijspreken.

5 BENADEELDE PARTIJ

[benadeelde] heeft zich als benadeelde partij in het geding gevoegd en vordert een bedrag van
€ 25.614,07. Dit bedrag bestaat uit € 25.114,07 aan materiële schade en € 500,00 aan immateriële schade, ten gevolge van het aan verdachte onder 2 ten laste gelegde feit.

De rechtbank zal de benadeelde partij [benadeelde] niet-ontvankelijk verklaren in de vordering nu verdachte van het ten laste gelegde zal worden vrijgesproken. De benadeelde partij kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

6 BESLISSING

De rechtbank:

Vrijspraak

- verklaart het primair en subsidiair onder feit 1 en feit 2 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

Benadeelde partij

- verklaart [benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. van Woudenberg, voorzitter, mrs. L.M.G. de Weerd en N.M.H. van Ek, rechters, in tegenwoordigheid van mr. I.J.A. Barends, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 29 september 2023.

Mr. Van Woudenberg is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt ten laste gelegd dat:

Feit 1

hij op of omstreeks 23 september 2020 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een aanhanger (merk Kalf N/A, kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf] B.V., in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;

(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht)

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 23 september 2020 te Utrecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een aanhanger (merk Kalf N/A, kenteken [kenteken] ), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf] B.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, en welk goed verdachte en/of zijn mededaders anders dan door misdrijf onder zich hadden, te weten als huurder(s), wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

(art 321 Wetboek van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht)

Feit 2

hij op of omstreeks 23 september 2020 te Maarssen, gemeente Stichtse Vecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een sloep (merk Refit VonDur 620), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;

(art 310 Wetboek van Strafrecht, art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht)

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 23 september 2020 te Maarssen, gemeente Stichtse Vecht tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk een sloep (merk Refit VonDur 620), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders, en welk goed verdachte en/of zijn mededaders anders dan door misdrijf onder zich hadden, te weten huurder(s), wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.

(art 321 Wetboek van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht)