Civiel recht overig
Wwz. Settlement agreement bereikt.
Rechtbank Noord-Holland, 22 januari 2016
ECLI:NL:RBNHO:2016:1413 · Rechtbank Noord-Holland · 22 januari 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rbnho-2016-1413
Zaakgegevens
Op 22 januari 2016 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Zaanstad
- Datum uitspraak
- 22 januari 2016
- Datum publicatie
- 22 februari 2016
- Zaaknummer
- 4655023 \ AO VERZ 15-87
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2016:1413
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Wwz. Settlement agreement bereikt.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Afdeling Privaatrecht
Sectie Kanton - locatie Zaanstad
Zaaknr./rolnr.: 4655023 \ AO VERZ 15-87
Uitspraakdatum: 22 januari 2016
Beschikking in de zaak van:
[naam] ,
wonende te [adres]
verzoekende partij
verder te noemen: [de werknemer]
gemachtigde: mr. E. Jacobson
tegen
de besloten vennootschap CPM Europe B.V.,
gevestigd te Amsterdam
verwerende partij
verder te noemen: CPM
gemachtigde: mr. M.K. van den Berge
1 Het procesverloop
[de werknemer] heeft een verzoek gedaan, onder meer strekkende tot vernietiging van een ontslag op staande voet. CPM heeft een verweerschrift ingediend en daarbij een zelfstandig tegenverzoek gedaan, strekkende tot voorwaardelijke ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen partijen.
Op 30 december 2015 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht.
2 De beoordeling
Partijen hebben na genoemde zitting meegedeeld dat zij een “settlement agreement” hebben bereikt en verzoeken in een beschikking op te nemen dat zij worden veroordeeld tot nakoming daarvan, onder compensatie van de proceskosten. Partijen hebben een gelijkluidende tekst van de “settlement agreement” bij hun verzoek gevoegd.
De kantonrechter ziet geen reden om partijen niet te volgen in hun verzoek, zodat overeenkomstig dat verzoek zal worden beslist, zoals hierna bepaald.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt partijen tot nakoming van de aangehechte “settlement agreement”;
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt.
Deze beschikking is gewezen door mr. P.J. Jansen, kantonrechter en op 22 januari 2016 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter