Civiel recht overig
Op verzoek vereffenaar bepaalt de kantrechter ex artikel 4:214 lid 1 BW een datum waarover schuldeisers…
Rechtbank Noord-Holland, 13 april 2016
ECLI:NL:RBNHO:2016:3756 · Rechtbank Noord-Holland · 13 april 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/civiel-recht-overig/beschikking/ecli-nl-rbnho-2016-3756
Zaakgegevens
Op 13 april 2016 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 13 april 2016
- Datum publicatie
- 9 mei 2016
- Zaaknummer
- 4958643 EJ VERZ 16-152
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- BeschikkingBeschikkingEen beslissing van de rechter in een zaak die met een verzoekschrift is begonnen, zoals een echtscheiding of faillissement.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2016:3756
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Op verzoek vereffenaar bepaalt de kantrechter ex artikel 4:214 lid 1 BW een datum waarover schuldeisers nalatenschap vordering moeten indienen. Benoeming vereffenaar destijds bekendgemaakt door (onder meer) plaatsing op rechtspraak.nl
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Afdeling Privaatrecht
Sectie Kanton – locatie Haarlem
zaaknummer: 4958643 \ EJ VERZ 16-152 BL
datum uitspraak: 13 april 2016
Beschikking op een verzoek ex artikel 4:214 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW)
van mr. M. van der Meulen, werkzaam bij SWG advocaten mediators,
kantoorhoudend aan de Edelweisstraat 5 te Rosmalen
verzoeker
verder ook te noemen: de vereffenaar
inzake
de nalatenschap van [erflater] ,
geboren op [geboortedatum] te [plaats] en overleden op [datum] te [woonplaats] , laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats]
verder ook te noemen: erflater.
De procedure
Op 30 maart 2016 is ter griffie ontvangen een verzoekschrift.
Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling ter terechtzitting.
Het verzoek
Het verzoek strekt tot bepaling van een termijn als bedoeld in artikel 4:214 lid 1 BW.
De beoordeling
Bij beschikking van 17 maart 2016 van de Rechtbank Noord-Holland zijn mr. M. van der Meulen en zijn kantoorgenoot mr. B.J. Groenhuijzen benoemd tot vereffenaars van de nalatenschap erflater. Daarbij is bepaald dat de vereffenaars ieder voor zich bevoegd zijn alle benodigde werkzaamheden alleen te verrichten. Verder heeft de rechtbank aan de vereffenaars opgedragen hun benoeming bekend te maken in de Staatscourant, hen ontslagen van de plicht tot publicatie in een nieuwsblad en verstaan dat de beschikking bekend gemaakt zal worden door plaatsing op www.rechtspraak.nl/uitspraken.
De vereffenaar verzoekt de kantonrechter om een datum vast te stellen waarvoor de schuldeisers van de nalatenschap hun vorderingen bij hem moeten indienen.
Op grond van het bepaalde in artikel 4:214 lid 1 BW is het verzoek toewijsbaar, zoals hierna vermeld.
De beslissing
De kantonrechter:
bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap van erflater op zal roepen om hun vorderingen bij de vereffenaar in te dienen binnen drie maanden, welke termijn ingaat op de dag nadat de oproeping is geplaatst in de Staatscourant.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.S. Reid, kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 13 april 2016 in het openbaar uitgesproken.
|
De griffier |
De kantonrechter |