Civiel recht overig

4:211 toewijzing ontheffing van de verplichting om een boedelbeschrijving ter inzage te leggen ivm solvabele…

Rechtbank Noord-Holland, 9 april 2020

Zaakgegevens

Op 9 april 2020 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Zittingsplaats
Alkmaar
Datum uitspraak
9 april 2020
Datum publicatie
3 april 2020
Zaaknummer
8401882 / EJ VERZ 20-84
Procedure
Beschikking
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2020:2508
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

4:211 toewijzing ontheffing van de verplichting om een boedelbeschrijving ter inzage te leggen ivm solvabele nalatenschap en reeds voldoening van de schulden

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./repnr.: 8401882 / EJ VERZ 20-84 (SJ)

Uitspraakdatum: 9 april 2020

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

mr. Wietske van der Koogh

wonende te Utrecht

verzoekster

verder te noemen: Van der Koogh

inzake

de nalatenschap van [erflater]

geboren op [erflater] te [erflater] en overleden op [datum overlijden] te [plaats overlijden] , laatstelijk gewoond hebbende te Zandvoort.

1 Het procesverloop

1.1.

Van der Koogh heeft een verzoekschrift ingediend, ter griffie ingekomen op 12 maart 2020.

1.2.

Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling ter terechtzitting.

2 Het verzoek

2.1.

Van der Koogh vraagt ontheffing van de verplichting om de boedelbeschrijving van de nalatenschap van erflater ter inzage neer te leggen. Zij legt hieraan ten grondslag dat de nalatenschap een positief saldo kent en dat alle schulden inmiddels zijn voldaan. Door Van der Koogh is een voorlopige boedelbeschrijving overgelegd.

3 De beoordeling

3.1.

Van der Koogh is krachtens volmacht de vertegenwoordiger van de gezamenlijke erfgenamen van erflater. De erfgenamen hebben allen de nalatenschap beneficiair aanvaard. In gevolge die beneficiaire aanvaarding zijn zij ieder vereffenaar van de nalatenschap en zijn de voorschriften inzake de wettelijke vereffening van toepassing, waaronder het opmaken en ter inzage leggen van een boedelbeschrijving.

3.2.

Gelet op de positieve samenstelling van de nalatenschap, zoals blijkt uit de voorlopige boedelbeschrijving, de bekendheid van de crediteuren en de voldoening van de schulden, zal de kantonrechter de vereffenaars ontheffen van de op hen rustende verplichting om de boedelbeschrijving ter inzage te leggen.

3.3.

De kantonrechter ziet geen aanleiding om de vereffenaars nadere aanwijzingen te geven als bedoeld in artikel 4:210 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) noch om de vereffening te verzwaren ex artikel 4:221 lid 1 BW.

4 De beslissing

De kantonrechter:

4.1.

verleent verzoeker ontheffing van de verplichting om de boedelbeschrijving ter inzage te leggen;

4.2.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. S.W.S. Kiliç en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter