Insolventierecht
Afwijzing wsnp: niet aannemelijk dat schuldenares zich aan de verplichtingen van de wsnp zal/kan houden. Bij…
Rechtbank Noord-Holland, 27 januari 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:606 · Rechtbank Noord-Holland · 27 januari 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-holland/civiel-recht/insolventierecht/rekestprocedure/ecli-nl-rbnho-2026-606
Zaakgegevens
Op 27 januari 2026 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een zaak over insolventierecht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-HollandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Datum uitspraak
- 27 januari 2026
- Datum publicatie
- 27 januari 2026
- Zaaknummer
- C/15/371854 FT RK 25/909
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Insolventierecht
- Procedure
- RekestprocedureRekestprocedureEen procedure die begint met een verzoekschrift (rekest) aan de rechter in plaats van met een dagvaarding.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2026:606
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Afwijzing wsnp: niet aannemelijk dat schuldenares zich aan de verplichtingen van de wsnp zal/kan houden. Bij aanvang schuldhulpverleningstraject was schuldenares gokverslaafd. Stukken die onderbouwen dat zij een behandeling heeft gehad en niet meer verslaafd is, ontbreken in het dossier. Ook heeft schuldenares niet gesolliciteerd, terwijl zij daartoe wel werd verplicht door de gemeente. Enkele maanden later op 30 otkober 2025 is zij wel door de gemeente bij besluit ontheven, maar medische stukken zijn er niet. Ook moet schuldenares van de gemeente werken aan haar fysieke en psychische gezondheid. Schuldenares is niet verschenen op de zitting wegens ziekte (vlak voor aanvang zitting gemeld) en heeft dus niets kunnen toelichten over de stappen die zij mogelijk gemaakt heeft. Er is volgens de rechtbank sprake van een een persoonlijke situatie die thans niet stabiel genoeg is om aan strenge regime van wsnp te voldoen.
Uitspraak
VONNIS WEIGERING TOELATING WSNP
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
zittingsplaats: Haarlem
afdeling: Handel, Kanton en Insolventie
zaaknummer: C/15/371854 FT RK 25/909
naam rechter: mr. J. van der Kluit
uitspraakdatum: 27 januari 2026
in de zaak van: [schuldenares] (hierna: schuldenares)
geboren op: [geboortedatum] 1986 te [plaats 1]
wonende te: [plaats 2]
schuldhulpverlener: [naam], team [gemeente]
1 Samenvatting
Schuldenares heeft toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp) verzocht. De rechtbank moet beoordelen of schuldenares voldoet aan de wettelijke eisen die daarvoor gelden.
2 Beslissing van de rechtbank
De rechtbank laat schuldenares niet toe tot de wsnp.
3 Gevolgen voor schuldenares
-
De wsnp wordt niet op schuldenares van toepassing verklaard.
-
De schuldeisers kunnen schuldenares nog steeds tot betaling dwingen.
4 Redenen voor deze beslissing
-
Schuldenares kan alleen worden toegelaten tot de wsnp als voldoende aannemelijk is dat schuldenares zich zal (kunnen) houden aan de verplichtingen van de wsnp en dat zij zich zal inspannen om geld voor de schuldeisers te verdienen. De rechtbank is van oordeel dat schuldenares dit niet aannemelijk heeft gemaakt. De rechtbank zal dat hierna uitleggen.
-
Schuldenares had bij aanvang van het traject van schuldhulpverlening een gokverslaving. De schuldhulpverlener heeft op de zitting verklaard dat zij ervan uitgaat dat schuldenares die verslaving inmiddels onder controle heeft, omdat zij tijdens het minnelijk traject geen nieuwe schulden heeft laten ontstaan die wijzen op een gokverslaving. Maar de schuldhulpverlener heeft niet kunnen toelichten hoe schuldenares aan die verslaving heeft gewerkt, of sprake is van andere problematiek die de oorzaak is geweest van de gokverslaving, en of zij een behandeling heeft (gehad) voor mentale of psychische problemen Ook schuldenares zelf heeft die toelichting niet gegeven, omdat zij niet op de zitting is verschenen. Kort voor aanvang van de zitting heeft zij via haar beschermingsbewindvoerder laten weten wegens ziekte niet naar de zitting te zullen komen. Zij heeft haar verklaring niet nader toegelicht of van een medische onderbouwing voorzien.
-
Bij besluit van de gemeente [gemeente] van 30 oktober 2025 heeft schuldenares in het kader van de Participatiewet wegens dringende redenen een tijdelijke ontheffing gekregen van de sollicitatieplicht voor de periode 31 oktober 2025 tot en met 31 maart 2026. Ook staat in de bijlage van dat besluit dat schuldenares tijdens de ontheffingsperiode aan haar persoonlijke situatie moet werken en hulp moet accepteren, zodat er ruimte ontstaan om haar fysieke en psychische gezondheid te verbeteren. Een medische onderbouwing of een medische keuring bij dat besluit ontbreekt. Het is daarom niet duidelijk of en zo ja, welke psychische klachten schuldenares heeft. Ook heeft schuldenares of haar schuldhulpverlener niet kunnen toelichten of schuldenares stappen heeft gezet, en zo ja welke, om aan haar persoonlijke situatie te werken,
-
Schuldenares heeft tijdens het minnelijk traject ook niet gesolliciteerd om een betaalde baan te krijgen. Dit terwijl bij besluit van 16 juni 2025 van de gemeente [gemeente] is bepaald dat schuldenares actief diende te solliciteren naar betaald werk. Schuldenares heeft geen toelichting gegeven waarom zij niet heeft gesolliciteerd. Er zijn ook geen medische stukken waaruit zou kunnen blijken dat schuldenares niet in staat zou zijn (geweest) om te werken.
-
De rechtbank kan daarom niet vaststellen dat de persoonlijke situatie van schuldenares op dit moment stabiel genoeg is om aan het strenge regime van de wsnp te kunnen voldoen. Meer in het bijzonder is de rechtbank niet ervan overtuigd dat schuldenares tijdens de looptijd van de wsnp aan haar inspanningsverplichting zal voldoen om betaald werk te krijgen.
5 Stukken waarop dit vonnis is gebaseerd
-
verzoekschrift van schuldenaar met bijlagen;
-
de aantekeningen van de zitting van 20 januari 2026, waarbij [betrokkene 2] namens [naam], team [gemeente] (schuldhulpverlener) aanwezig was. Schuldenares is niet verschenen.
6 Mogelijkheden om dit vonnis aan te vechten
Deze uitspraak kan binnen acht dagen na de uitspraakdatum worden aangevochten bij het gerechtshof Amsterdam. Dit kan alleen met behulp van een advocaat.
De griffier De rechter