Civiel recht overig
Incident tot nietigverklaring dagvaarding en verwijzing naar andere zittingslocatie en niet ontvankelijk…
Rechtbank Noord-Nederland, 4 september 2013
ECLI:NL:RBNNE:2013:5393 · Rechtbank Noord-Nederland · 4 september 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/rechtbank-noord-nederland/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-rbnne-2013-5393
Zaakgegevens
Op 4 september 2013 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Rechtbank Noord-NederlandRechtbankDe rechter die de meeste zaken als eerste behandelt: civiele zaken, strafzaken en bestuurszaken.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Groningen
- Datum uitspraak
- 4 september 2013
- Datum publicatie
- 9 september 2013
- Zaaknummer
- 5383818 CV EXPL 13-4509
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:RBNNE:2013:5393
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Incident tot nietigverklaring dagvaarding en verwijzing naar andere zittingslocatie en niet ontvankelijk verklaring.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Afdeling Privaatrecht
Locatie Groningen
Zaak\rolnummer: 583818 CV EXPL 13-4509
Vonnis in het incident d.d. 4 september 2013
inzake
de besloten vennootschap Scheepvaart- en Expertisebureau [naam] B.V.,
statutair gevestigd en kantoorhoudende te [adres],
eiseres in de hoofdzaak, tevens verweerster in het incident, hierna [A] te noemen,
gemachtigde mr. R.A.G. Lips, advocaat te ’s-Gravenhage,
tegen
[naam], h.o.d.n. Selket/Sphinx Sloepen,
wonende te [adres] en zaakdoende te [adres],
gedaagde in de hoofdzaak, tevens eiser in het incident, hierna [B] te noemen,
gemachtigde Bureau Mercuur te Groningen.
PROCESGANG
In het tussenvonnis van 17 juli 2013 heeft de kantonrechter de zaak naar de rol verwezen voor een akte aan de zijde van [B].
Op 7 augustus 2013 heeft [B] een akte genomen.
Ten slotte is wederom vonnis bepaald in het incident.
OVERWEGINGEN
De verdere beoordeling
De kantonrechter verwijst en neemt over hetgeen is overwogen in het tussenvonnis van 17 juli 2013.
Kort samengevat heeft de kantonrechter in het vonnis van 17 juli 2013 de incidentele vordering tot nietigverklaring van de dagvaarding afgewezen en geoordeeld, anders dan door [B] werd opgeworpen, dat de rechtbank Noord-Nederland bevoegd is de zaak te behandelen. De zaak is naar de rol verwezen voor uitlating door [B] over de vraag of hij instemt met behandeling van de zaak op de locatie Groningen of dat hij wil dat de zaak wordt behandeld op de locatie Leeuwarden waar de zaak aangebracht had moeten worden.
[B] heeft verzocht om doorverwijzing naar de locatie Leeuwarden. De kantonrechter zal de zaak dan ook verwijzen naar de rolzitting van de locatie Leeuwarden.
Voorts overweegt de kantonrechter dat [B] niet-ontvankelijkheid heeft bepleit van [A] omdat zij niets met de overeenkomst te maken heeft waar zij haar vordering op baseert. De kantonrechter is van oordeel dat de rechter bij de beoordeling van een dergelijk verweer aan de materiële geschilpunten toekomt, zodat een dergelijk verweer in de hoofdzaak zal moeten worden gevoerd en zich niet leent voor een incident.
[B] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit incident.
BESLISSING
De kantonrechter:
in het incident:
wijst de vorderingen af;
veroordeelt [B] in de kosten van dit incident, aan de zijde van [A] begroot op € 60,00;
in de hoofdzaak:
verstaat dat de zaak behandeld dient te worden op de locatie Leeuwarden van de rechtbank Noord-Nederland;
verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rolzitting van dinsdag
1 oktober 2013 te 10.00 uur van de locatie Leeuwarden.
Dit vonnis is gewezen door mr. B. van den Bosch, kantonrechter, en op 4 september 2013 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.
typ: jc