Civiel recht overig

Niet in behandeling nemen van verzoek tot wraking door de voorzitter van de wrakingskamer.

Rechtbank Noord-Nederland, 20 september 2024

Zaakgegevens

Op 20 september 2024 heeft de Rechtbank Noord-Nederland in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Zittingsplaats
Groningen
Datum uitspraak
20 september 2024
Datum publicatie
28 oktober 2024
Zaaknummer
C/18/238405 KG RK 24-283
Procedure
Kort geding
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2024:4205
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Niet in behandeling nemen van verzoek tot wraking door de voorzitter van de wrakingskamer.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar] [afbeelding niet beschikbaar]beslissing

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Wrakingskamer

zaaknummer: C/18/238405 KG RK 24-283

Beslissing van 20 september 2024

van de voorzitter van de wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van

[verzoeker] ,

hierna te noemen: verzoeker,

strekkende tot de wraking van

Rechtspraak Noord-Nederland.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit het schriftelijke wrakingsverzoek van 11 september 2024.

2 Het wrakingsverzoek

2.1

Het verzoek strekt tot wraking van de Rechtspraak Noord-Nederland.

2.2

Verzoeker heeft blijkens zijn schriftelijke verzoek aan zijn verzoek ten grondslag

gelegd dat zijn leven is verwoest door verregaand grensoverschrijdend gedrag (corruptie). Hierbij heeft verzoeker aangegeven dat de rechtbank Leeuwarden een schande is voor de rechtsstaat.

3 De beoordeling

3.1

Ingevolge artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.

3.2

De voorzitter van de wrakingskamer stelt vast dat verzoeker in zijn verzoek van 11 september 2024 de Rechtspraak Noord-Nederland heeft gewraakt. Naar het oordeel van de voorzitter van de wrakingskamer voorziet de wet niet in een door een partij gedaan verzoek om wraking van anderen dan de rechter(s) die belast zijn met de behandeling van een zaak. Gelet op bepaalde in artikel 36 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt het verzoek van 11 september 2024 van verzoeker dan ook niet in behandeling genomen

4 De beslissing

De voorzitter van de wrakingskamer neemt het verzoek van 11 september 2024 van verzoeker niet in behandeling.

Deze beslissing is gegeven door mr. Th. A. Wiersma, voorzitter, in tegenwoordigheid van de griffier mr. S.I. Havinga en in openbaar uitgesproken op 20 september 2024.

de griffier de voorzitter

(de griffier is verhinderd deze beslissing

mede te ondertekenen)

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.