Bestuursprocesrecht

Herhaald beroep i.v.m. niet tijdig beslissen. Mondelinge uitspraak. Beroep niet-ontvankelijk. Het is slechts…

Rechtbank Overijssel, 4 april 2025

Zaakgegevens

Op 4 april 2025 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over bestuursprocesrecht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Zwolle
Datum uitspraak
4 april 2025
Datum publicatie
18 april 2025
Zaaknummer
ak_24_417_mu
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2025:2464
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Herhaald beroep i.v.m. niet tijdig beslissen. Mondelinge uitspraak. Beroep niet-ontvankelijk. Het is slechts mogelijk om één keer een beroep in te dienen wegens het niet tijdig beslissen op een bezwaar.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Zittingsplaats Zwolle

Bestuursrecht

zaaknummer: ZWO 24/417


proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 april 2025 in de zaak tussen

mr. [eiser], uit [woonplaats], eiser

en

het dagelijks bestuur Omgevingsdienst IJsselland, verweerder

(gemachtigde: mr. M.J. Tunnissen).

Procesverloop

In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser gericht tegen de beslissing op zijn verzoek van 24 maart 2023 om informatie openbaar te maken dan wel aan hem te verstrekken op grond van de Wet open overheid (Woo).

Verweerder heeft dit Woo-verzoek bij het primaire besluit van 20 april 2023 afgewezen. Tegen dit besluit heeft eiser op 27 mei 2023 pro forma bezwaar ingesteld en op 1 juli 2023 heeft hij nadere gronden ingediend.

Vervolgens heeft eiser op 5 januari 2024 om 05:14uur (zaak ZWO 24/416) en om 08.29uur (onderhavige zaak) pro forma beroep ingesteld, omdat verweerder volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn bezwaar. Verweerder heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep van eiser op 4 april 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben de vertegenwoordiger van de omgevingsdienst [naam] en de gemachtigde deelgenomen.

Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank:

  • verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

  • bepaalt dat de griffier het betaalde griffierecht van € 187,- aan eiser terugbetaalt.

Motivering

1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.

1.1.

Eiser heeft op 5 januari 2024 twee keer, een keer om 05:14uur en een keer om 08:29uur, beroep ingesteld omdat verweerder volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn bezwaar van 27 mei 2023. De rechtbank stelt vast dat het slechts mogelijk is om één keer een beroep in te dienen wegens het niet tijdig beslissen op zijn bezwaar. Daarom acht de rechtbank het beroep dat als laatste is ingediend niet-ontvankelijk.

Conclusie en gevolgen

Het beroep is niet-ontvankelijk. Het door eiser betaalde griffierecht wordt teruggestort. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 4 april 2025 door

mr. V.P.K. van Rosmalen, rechter, in aanwezigheid van mr. B.A.G. Bulte, griffier.

griffier

rechter

de griffier is verhinderd dit

proces-verbaal te ondertekenen

Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.