Civiel recht overig

Vordering tot betaling van proceskosten.

Rechtbank Overijssel, 13 september 2022

Zaakgegevens

Op 13 september 2022 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Almelo
Datum uitspraak
13 september 2022
Datum publicatie
15 september 2022
Zaaknummer
9990499 \ CV EXPL 22-1567
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2022:2608
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Vordering tot betaling van proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

Zaaknummer : 9990499 \ CV EXPL 22-1567

Vonnis in kort geding van 13 september 2022

in de zaak van

de stichting de stichting ALMELOSE WONINGSTICHTING "BETER WONEN",
gevestigd en kantoorhoudende te Almelo,

eisende partij, hierna te noemen eiseres,

gemachtigde: mr. M. Douwenga,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid BESCHERMINGSBEWIND TWENTE B.V., gevestigd en kantoorhoudende te Almelo, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van de (toekomstige) goederen van
2. [A] , wonende te [plaats] ,

gedaagde partij, hierna afzonderlijk te noemen gedaagde sub 1 en gedaagde sub 2 en gezamenlijk te noemen gedaagden,

verschenen bij [B] van Beschermingsbewind Twente en [A] in persoon.

1 De procedure

1.1.

Eiseres heeft op 26 juli 2022 de dagvaarding met producties aan gedaagden laten betekenen. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 3 augustus 2022. Namens eiseres zijn de heer [C] en mevrouw [D] verschenen, bijgestaan door de gemachtigde, mr. Rorink (vervanger van mr. Douwenga). Namens gedaagde sub 1 is mevrouw [B] verschenen. Tevens is gedaagde sub 2 verschenen.

1.2.

Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen afgesproken de zaak aan te houden, waarbij eiseres zich later zou uit laten over de vraag of een beslissing gewenst is op alle vorderingen, of enkel op de vordering tot betaling van de proceskosten. Van de mondelinge behandeling heeft de griffier aantekeningen gemaakt.

1.3.

Bij akte van 6 september 2022 heeft eiseres de vorderingen onder punt I tot en
met III van de inleidende dagvaarding ingetrokken en verzoekt zij om enkel te beslissen op de vordering tot betaling van de proceskosten. Het vonnis wordt vandaag uitgesproken.

2 Het geschil en de beoordeling

2.1.

Eiseres heeft, nadat zij de vorderingen onder punt I tot en met III van de inleidende dagvaarding heeft ingetrokken, verzocht enkel te beslissen op de vordering tot betaling van de proceskosten. Gedaagden hebben tijdens de mondelinge behandeling de verschuldigdheid van de proceskosten erkend en daarom zullen gedaagden ook in die kosten worden veroordeeld.

2.2.

De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op € 125,02 aan explootkosten, € 498,00 aan salaris gemachtigde en € 128,00 aan griffierecht. De kantonrechter begroot de nakosten op € 124,00.

3 De beslissing

De kantonrechter in kort geding

3.1.

veroordeelt gedaagden in de kosten van deze procedure tot op heden aan de zijde van eiseres begroot op € 751,02, waaronder € 498,00 wegens het salaris van de gemachtigde en de nakosten tot op heden aan de zijde van eiseres begroot op € 124,00;

3.2.

verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. U. van Houten, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 september 2022.