Civiel recht overig

Partijen hebben een zorgverzekeringsovereenkomst gesloten. Gedaagde heeft een betalingsachterstand. Gedaagde…

Rechtbank Overijssel, 19 maart 2024

Zaakgegevens

Op 19 maart 2024 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Enschede
Datum uitspraak
19 maart 2024
Datum publicatie
22 maart 2024
Zaaknummer
10792420 CV EXPL 23-4166
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2024:1514
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Partijen hebben een zorgverzekeringsovereenkomst gesloten. Gedaagde heeft een betalingsachterstand. Gedaagde betwist de betalingsachterstand niet. Daarom wijst de kantonrechter het gevorderde toe.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Enschede

Zaaknummer : 10792420 CV EXPL 23-4166

Vonnis van 19 maart 2024

in de zaak van

de naamloze vennootschap Anderzorg N.V.,
gevestigd te Wageningen, kantoorhoudende te Groningen,

eisende partij, hierna te noemen Anderzorg,

gemachtigde: LAVG Gerechtsdeurwaarders, Groningen,

tegen

[gedaagde],
wonende te [woonplaats],

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding,

- de conclusie van antwoord,

- de conclusie van repliek,

- daarna is [gedaagde] in de gelegenheid gesteld te reageren. [gedaagde] heeft daar geen gebruik van gemaakt.

1.2.

Ten slotte is aan partijen medegedeeld dat vonnis zal worden gewezen.

2 Samenvatting

Anderzorg en [gedaagde] hebben een zorgverzekeringsovereenkomst gesloten. [gedaagde] heeft (een deel van) de premies van november 2022 en april 2023 niet betaald. [gedaagde] betwist de betalingsachterstand niet. Daarom wijst de kantonrechter het gevorderde toe.

3 Het geschil

de vordering

3.1.

Anderzorg vordert de veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 309,78, vermeerderd met de wettelijke rente over € 253,25 vanaf 6 oktober 2023 tot de dag van betaling. Tevens vordert zij veroordeling van [gedaagde] in de kosten van het geding.

3.2.

Anderzorg voert daartoe aan dat zij en [gedaagde] een zorgverzekeringsovereenkomst hebben gesloten. [gedaagde] heeft de maandpremies van november 2022 en april 2023 niet (volledig) betaald.

Anderzorg heeft op 25 mei 2023 een veertiendagenbrief aan [gedaagde] toegestuurd. [gedaagde] heeft naar aanleiding van deze aanmaning om een betalingsregeling verzocht. [gedaagde] is deze regeling echter niet nagekomen, waardoor de betalingsregeling is komen te vervallen.

Er zijn diverse incassowerkzaamheden verricht en daarom vordert Anderzorg ook de incassokosten ad € 48,40.

het verweer

3.3

[gedaagde] voerde aanvankelijk verweer. [gedaagde] voerde aan dat hij geen overeenkomst met LAVG heeft gesloten. LAVG heeft in haar conclusie van repliek toegelicht dat zij slechts als gemachtigde namens Anderzorg optreedt. [gedaagde] heeft in reactie hierop geen verder verweer gevoerd.

4 De beoordeling

4.1.

[gedaagde] betwist niet dat hij een zorgverzekeringsovereenkomst heeft gesloten met Anderzorg en op grond daarvan maandelijks premie is verschuldigd. [gedaagde] betwist eveneens niet dat hij een premieachterstand heeft van € 253,25. Dit bedrag zal daarom worden toegewezen. Omdat [gedaagde] te laat is, is hij ook de wettelijke rente verschuldigd over dit bedrag. De wettelijke rente tot 6 oktober 2023 bedraagt € 8,13.

4.2.

Er zijn diverse incassowerkzaamheden verricht, en daarom moet [gedaagde] ook de incassokosten van € 48,40, inclusief btw, betalen.

4.3.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Anderzorg worden begroot op:

- dagvaarding € 130,48

- griffierecht € 128,00

- salaris advocaat € 160,00 (2 punten x tarief € 80,00)

- nakosten € 40,00

Totaal € 458,48

5 De beslissing

De kantonrechter

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, aan Anderzorg te voldoen een bedrag van € 309,78, vermeerderd met de wettelijke rente over € 253,25 vanaf 6 oktober 2023 tot de dag van betaling;

5.2.

veroordeelt [gedaagde] in de kosten van de procedure, begroot op € 458,48;

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.M. Marsman, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 19 maart 2024.