Civiel recht overig

Orka vordert dat gedaagde facturen met bijkomende kosten moet betalen. Gedaagde betwist een deel van het…

Rechtbank Overijssel, 9 juli 2024

Zaakgegevens

Op 9 juli 2024 heeft de Rechtbank Overijssel in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Rechtbank Overijssel
Zittingsplaats
Almelo
Datum uitspraak
9 juli 2024
Datum publicatie
12 juli 2024
Zaaknummer
10980024 \ CV EXPL 24-600
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2024:3708
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Orka vordert dat gedaagde facturen met bijkomende kosten moet betalen. Gedaagde betwist een deel van het gevorderde en voert aan dat zij ten aanzien van deze facturen geen opdracht aan Orka heeft verstrekt. De kantonrechter gaat niet mee in het verweer van gedaagde. Het gevorderde wordt daarom (gematigd) toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Almelo

Zaaknummer: 10980024 \ CV EXPL 24-600

Vonnis van 9 juli 2024

in de zaak van

de besloten vennootschap ORKA SYNTHETICS B.V.,

gevestigd te Deventer,

eisende partij, hierna te noemen: Orka,

gemachtigde: mr. G.E. Hamer,

tegen

[gedaagde] ,

h.o.d.n. [bedrijf],

wonende te [woonplaats],

gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;
- de conclusie van antwoord;
- de e-mail van 27 maart 2024, waarin is bepaald dat de zaak mondeling wordt behandeld;

- de akte uitlating producties;

- de mondelinge behandeling van 10 juni 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

1.2.

Ten slotte is bepaald dat vandaag vonnis zal worden gewezen.

2 Samenvatting

Orka vordert dat [gedaagde] facturen met bijkomende kosten moet betalen. [gedaagde] betwist een deel van het gevorderde en voert aan dat zij ten aanzien van deze facturen geen opdracht aan Orka heeft verstrekt. De kantonrechter gaat niet mee in het verweer van [gedaagde]. Het gevorderde wordt daarom (gematigd) toegewezen.

3 Het geschil

De vordering

3.1.

Orka vordert – samengevat – dat [gedaagde] € 1.709,34 betaalt, vermeerderd met de contractuele rente van 1,25% per maand vanaf 12 februari 2024 tot de dag van volledige betaling. Ook vordert Orka dat [gedaagde] de proceskosten betaalt.

3.2.

Orka legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. [gedaagde] is meerdere overeenkomsten met Orka aangegaan met betrekking tot het leveren van zaken. Orka heeft € 2.683,41 aan zaken geleverd en gefactureerd. Die facturen zijn vervolgens niet betaald. Daarna zijn incassowerkzaamheden gestart en is een betalingsregeling getroffen waarop € 1769,95 is voldaan. Vervolgens is [gedaagde] gestopt met betalen. Er staat nu nog een bedrag van € 1.709,34 open, aldus Orka.

Het verweer

3.3.

[gedaagde] betwist de hoogte van de vordering en vraagt de kantonrechter om het gevorderde gedeeltelijk af te wijzen. [gedaagde] heeft Orka meerdere keren gevraagd om uitleg over de facturen met de kenmerken [factuurnummer 1], [factuurnummer 2] en [factuurnummer 3]. Wat betreft deze facturen kan [gedaagde] geen opdracht of leveringsbon vinden. Zij betwist dan ook dat ze deze facturen moet betalen.

4 De beoordeling

Hoofdsom

4.1.

De kantonrechter oordeelt dat [gedaagde] de zaken die vermeld staan op de facturen met nummers [factuurnummer 1], [factuurnummer 2] en [factuurnummer 3] heeft gekocht van Orka. [gedaagde] heeft deze facturen dan wel betwist en gevraagd aan Orka om te bewijzen dat de betreffende zaken zijn besteld door [gedaagde], maar nadat Orka vervolgens bij akte uitlating producties nader had onderbouwd dat de betreffende zaken daadwerkelijk zijn besteld bij haar, heeft [gedaagde] daar niet meer op gereageerd. Omdat [gedaagde] wel de mogelijkheid had om te reageren, maar dat dus niet heeft gedaan, en gelet op de nadere onderbouwing door Orka van de voormelde facturen, gaat de kantonrechter er vanuit dat de bestellingen zijn geplaatst en ontvangen. De overige facturen zijn niet door [gedaagde] betwist, zodat de hoofdsom gematigd (waarover hierna meer) zal worden toegewezen.

Incassokosten

Dat Orka werkzaamheden heeft verricht die toekenning in beginsel van de gevorderde buitengerechtelijke incassokostenvergoeding rechtvaardigen is niet betwist en voldoende gebleken. Zo heeft Orka een betalingsregeling getroffen en zijn er aanmaningen gestuurd.

Orka heeft echter een bedrag van € 647,57 aan buitengerechtelijke incassokosten in rekening gebracht. Dat is echter een hoger incassobedrag dan volgens de wettelijke regeling bij de oorspronkelijke hoofdsom van € 2.683,41 hoort. Daar hoort een incassotarief van € 475,94 bij. Verder zijn er ten onrechte kosten huisbezoek/sommatie-exploot van € 75,00 in rekening gebracht. Dat zijn buitengerechtelijke incassowerkzaamheden, waarvoor in het bedrag van € 475,94 de vergoeding al is verdisconteerd.

Conclusie toewijsbare hoofdsom

4.3.

[gedaagde] heeft gedurende het minnelijke traject betalingen gedaan, welke onder meer in mindering zijn gebracht op de in rekening gebrachte incassokosten. Omdat [gedaagde] een bedrag van € 246,62 te veel aan incassokosten heeft betaald, wordt dit bedrag in mindering gebracht op de gevorderde hoofdsom. De gevorderde hoofdsom wordt dus gematigd toegewezen. [gedaagde] wordt een bedrag van € 1.462,72 aan Orka te betalen. Omdat [gedaagde] te laat is met betalen, is zij ook de contractuele rente over dit bedrag verschuldigd en wel vanaf 12 februari 2024 tot de dag der algehele voldoening.

Proceskosten

4.4.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Orka worden begroot op:

- dagvaarding € 132,42

- griffierecht € 218,00

- salaris gemachtigde € 204,00 (2 punten x tarief € 408,00)

- nakosten € 102,00

Totaal € 656,42

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Orka te voldoen een bedrag van € 1.462,72, te vermeerderen met de contractuele rente van 1,25% per maand hierover vanaf 12 februari 2024 tot het moment van volledige betaling;

5.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Orka begroot op

€ 656,42;

5.3.

wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd;

5.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.C.M. Manders en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2024.